De arbeidsovereenkomst: een bewerkelijk begrip
Einde inhoudsopgave
De arbeidsovereenkomst: een bewerkelijk begrip (MSR nr. 79) 2021/7.1:7.1 Inleiding
De arbeidsovereenkomst: een bewerkelijk begrip (MSR nr. 79) 2021/7.1
7.1 Inleiding
Documentgegevens:
S. Said, datum 13-12-2021
- Datum
13-12-2021
- Auteur
S. Said
- JCDI
JCDI:ADS583376:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De vraag of sprake is van een arbeidsovereenkomst is niet alleen van belang voor de toepasselijkheid van arbeidsrechtelijke regelingen. Zo bepaalt het antwoord op deze vraag ook of werkenden verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen, en of werkverschaffers gehouden zijn loonheffingen in te houden en af te dragen. Anders dan in het arbeidsrecht, bestaan er in socialezekerheids- en fiscaalrechtelijke context diverse regelingen die ertoe strekken zekerheid te verschaffen over de wijze waarop de arbeidsrelatie moet worden gekwalificeerd. Nu artikel 7:610 BW daarbij leidend blijft, zullen de bevindingen in dit onderzoek eveneens implicaties bevatten voor de beantwoording van de kwalificatievraag in het socialezekerheidsrecht en fiscaal recht. Een ander onderwerp dat in dit onderzoek niet onbesproken kan blijven, is de kwalificatie van de arbeidsrelatie in het EU-recht. Hoewel het EU-recht niet direct dicteert hoe lidstaten arbeidsrelaties dienen te kwalificeren, is het EU-recht daar wel degelijk op van invloed. Zo mogen EU-lidstaten in transnationale situaties geen belemmeringen opwerpen voor de in het EU-recht verankerde verkeersvrijheden, zodat de regulering van arbeid op nationaal niveau zich met het EU-recht moet verdragen.
Hetgeen in dit hoofdstuk wordt besproken dient om de materie vanuit een breder perspectief te kunnen beschouwen, ten behoeve van de slotbeschouwing die in hoofdstuk 8 zal volgen. In paragraaf 7.2 wordt eerst stilgestaan bij de wijze waarop de kwalificatievraag in het socialezekerheidsrecht en fiscaal recht wordt behandeld, waarna in paragaaf 7.3 de kwalificatievraag in het EU-recht aan bod komt. Aan het slot van dit hoofdstuk wordt de materie – voor zover mogelijk – in zijn geheel beschouwd, aan de hand van de zesde deelvraag: Op welke wijze wordt de kwalificatievraag beantwoord in het socialezekerheidsrecht, fiscaal recht en EU-recht, en hoe verhouden die benaderingen zich tot de kwalificatiewijze in het Nederlandse arbeidsrecht?