RvdW 2024/803:Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 432 lid 1 sub b en 432 lid 3 Sv. Brengt aanwezigheid gemachtigde raadsman op eerdere tz. in hoger beroep, die voor bepaalde tijd is geschorst, mee dat voor instellen van cassatieberoep een termijn van 14 dagen geldt, als op nadere tz. in h.b. alleen niet gemachtigde raadsman verschijnt? HR: Om redenen vermeld in CAG kan HR cassatieberoep niet in behandeling nemen. CAG: Nu gemachtigde raadsman is verschenen op tz. van 18 juni 2013, onderzoek op die tz. is geschorst voor bepaalde tijd tot 13 september 2013 en noch verdachte, noch gemachtigde raadsman is verschenen op die tz. van 13 september 2013, was in dit geval een termijn voor instellen van beroep in cassatie van toepassing van 14 dagen na einduitspraak hof van 27 september 2013, terwijl cassatieberoep is ingesteld op 21 april 2022. Cassatieberoep is dus te laat ingesteld, waardoor verdachte niet kan worden ontvangen in zijn cassatieberoep. Verdachte n-o.