Wie heeft de leiding?
Einde inhoudsopgave
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/3.2.2:3.2.2 Artikel 5:20, tweede lid
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/3.2.2
3.2.2 Artikel 5:20, tweede lid
Documentgegevens:
Dr. mr. B.A.M. Janssen, datum 08-12-2010
- Datum
08-12-2010
- Auteur
Dr. mr. B.A.M. Janssen
- JCDI
JCDI:ADS618501:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de nota van wijziging is het tweede lid van artikel 5:20 BW als volgt geformuleerd: In afwijking van lid 1 behoort de eigendom van een net, bestaande uit een of meer kabels of leidingen, bestemd voor transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen, van energie of van informatie, dat in, op of boven de grond van anderen is of wordt aangelegd, toe aan de bevoegde aanlegger van dat net dan wel aan diens rechtsopvolger. Dit nieuwe lid voorziet in een zogenaamde `doorknipbepaling' waardoor de eigendom van het net geheel losgemaakt wordt van die van de grond, oftewel er is sprake van doorbreking van de verticale natrekking. Volgens de toelichting zal artikel 5:20, tweede lid BW in dit opzicht recht doen aan het feit dat een net een feitelijke en functionele eenheid vormt. Hierna wordt langer stilgestaan bij twee kernbegrippen uit dit artikellid, te weten de begrippen 'net' en 'bevoegde aanlegger'.