Omzetting als rechtsvormwijziging
Einde inhoudsopgave
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/4.1:4.1 Inleiding
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/4.1
4.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. B. Snijder-Kuipers, datum 20-01-2010
- Datum
20-01-2010
- Auteur
Mr. B. Snijder-Kuipers
- JCDI
JCDI:ADS501402:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie ook B. Snijder-Kuipers, 'Vermogensklem bij omzetting van stichtingen', TvOB 2008-2, p. 49-55 en B. Snijder-Kuipers, 'Vraagpunten bij omzetting van een stichting in een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid', WPNR 2006-6661, p. 291-294.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk staat de achtergrond en het (wenselijke) toepassingsbereik van de vermogensklem bij rechtsvormwijziging van een stichting centraal.1 Een stichting heeft, anders dan een vereniging, een cooperatie en een onderlinge waarborgmaatschappij, geen leden. In de statuten van een stichting is het doel vermeld. Met behulp van een daartoe bestemd vermogen wordt beoogd dit doel te verwezenlijken. Dit doelgebonden vermogen vormt de kern van de stichting en maakt deze rechtspersoon uniek in het Nederlandse rechtspersonenrecht.
Gedurende het bestaan van de stichting wordt het doel van een stichting op twee manieren beschermd. In de eerste plaats via het leerstuk van doeloverschrijding en in de tweede plaats vanwege het feit dat wijziging van het doel een expliciete statutaire bevoegdheid vereist. Na rechtsvormwijziging wordt het doel beschermd door de vermogensklem zoals opgenomen in artikel 2:18 lid 6 BW. Om toezicht te houden op het beklemde vermogen is rechterlijke machtiging vereist bij rechts-vormwijziging van een stichting.
De huidige wettelijke regeling neem ik als uitgangspunt. Het is niet duidelijk wat precies de vermogensklem is en hoe deze moet worden ingevuld. De wetsgeschiedenis laat zien dat met dit probleem altijd al geworsteld is. Vervolgens behandel ik het wenselijke toepassingsbereik van de vermogensklem. Een effectieve sanctiebepaling op overtreding van de vermogensklembepaling is er niet. Dat kan problemen opleveren bij rechtsvormwijziging van een stichting, vooral bij rechtsvormwijziging in een kapitaalvennootschap ter gelegenheid waarvan aandelen toegekend worden.