Regres bij concernfinanciering
Einde inhoudsopgave
Regres bij concernfinanciering (VDHI nr. 156) 2019/3.3.1.1:3.3.1.1 Verschijningsvormen van geconsolideerde kredietverlening: terminologie
Regres bij concernfinanciering (VDHI nr. 156) 2019/3.3.1.1
3.3.1.1 Verschijningsvormen van geconsolideerde kredietverlening: terminologie
Documentgegevens:
mr. drs. C.H.A. van Oostrum, datum 01-01-2019
- Datum
01-01-2019
- Auteur
mr. drs. C.H.A. van Oostrum
- JCDI
JCDI:ADS592111:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Europees ondernemingsrecht
Verbintenissenrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Geconsolideerde kredietverlening is te verdelen in twee hoofdvormen. De eerste vorm wordt in de literatuur aangeduid met de term paraplukrediet. Er is sprake van één (meerpartijen)overeenkomst met de bank waarbij zowel de moedervennootschap als de dochtervennootschappen partij zijn. Onder de ‘paraplu’ van één kredietovereenkomst, worden meerdere concernvennootschappen door de bank van krediet voorzien.1 Alle vennootschappen kunnen, vaak tot een sublimiet, gebruikmaken van het krediet.
De tweede vorm wordt in de literatuur aangeduid met een omschrijving als ‘geconsolideerde kredietverlening aan de moeder’2 of met het begrip centraal kasbeheer.3 Bij deze tweede vorm heeft alleen de moedervennootschap een contractsrelatie met de bank. Alleen zij heeft toegang tot het verschafte krediet. De dochtervennootschappen krijgen op hun beurt van de moedervennootschap krediet verstrekt. Mijns inziens is de benaming van deze vorm van kredietverlening ongelukkig. De aanduiding ‘geconsolideerde kredietverlening aan de moeder’ is een omschrijving, geen begrip. Het is de omschrijving van een begrip. Het begrip zelf blijft naamloos. Het begrip centraal kasbeheer is een aanduiding waar de omschrijving ‘geconsolideerde kredietverlening aan de moeder’ onder kan vallen, maar onder dit begrip wordt gewoonlijk ook het liquiditeitsbeheer van een concern verstaan. Centraal kasbeheer omvat als begrip dus de kredietverlening aan een concern en het ‘managen’ van de liquiditeiten van een concern. Een begrip dat zich alleen richt op de ‘geconsolideerde kredietverlening aan de moeder’ lijkt niet voor handen in de literatuur. Het begrip ‘navelstrengkrediet’ kan deze leemte vullen. De gedachte is dat op basis van de kredietrelatie tussen de moedervennootschap en de bank, de moeder haar dochters voorziet van kredieten, net zoals als een moeder van vlees en bloed haar ongeboren kind voorziet van voedingsstoffen. In dit onderzoek wordt met het begrip navelstrengkrediet specifiek gedoeld op de geconsolideerde kredietverlening aan de moedervennootschap.
Opgemerkt wordt dat er in de praktijk mengvormen bestaan van beide systemen van kredietverlening. In dergelijke gevallen staat de dochter in rekening-courantverhouding tot de moeder, maar heeft zelf ook de mogelijkheid om – tot zekere hoogte – eigen krediet te kunnen aantrekken.4