Einde inhoudsopgave
Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht (R&P nr. 174) 2009/10.5.3.1
10.5.3.1 Materieel en formeel toepassingsgebied
mr.dr. E.J. Zippro, datum 29-09-2009
- Datum
29-09-2009
- Auteur
mr.dr. E.J. Zippro
- JCDI
JCDI:ADS575210:1
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / Toezicht en handhaving
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
Voetnoten
Voetnoten
Vlas (Burgerlijke Rechtsvordering, Verdragen & Verordeningen), art. 1 EEX-Vo, aant. 9.
Verdrag nopens de erkenning en tenuitvoerlegging van in het buitenland gewezen scheidsrechtelijke uitspraken op 10 juni 1958 te New York gesloten, Trb. 1959, 58; Trb. 1964, 96; Trb. 1971, 85; Trb. 1980, 27; Trb. 1996, 13. Zie verder Van den Berg 1981.
Strikwerda 2005, nr. 276.
Strikwerda 2005, nr. 276. Het HvJ EG heeft het beginsel dat de bevoegdheid onder de verordening in beginsel geen voorwaarde is voor erkenning en tenuitvoerlegging onder de verordening 'fundamenteel' genoemd. Zie HvJ EG 28 maart 2000, zaak C-7/98 (Krombach/ Bamberski), Jur. 2000, p. 1-1935, NJ 2003, 626 m.nt. PV.
Vgl. Strikwerda 2005, nr. 279.
Strikwerda 2005, nr. 279.
Strikwerda 2005, nr. 279.
Strikwerda 2005, nr. 276.
Voor wat betreft het materieel toepassingsgebied van de erkennings- en tenuitvoerleggingsregeling wordt op grond van artikel 1 EEX-VO aangesloten bij de bevoegdheidsregeling. Artikel 1 van de EEX-vo is namelijk van toepassing op zowel de bevoegdheidsregeling als de erkennings- en tenuitvoerleggingsregeling. Arbitrage valt dus ook wat betreft de erkennings- en tenuitvoerleggingsregeling buiten het materieel toepassingsgebied van de EEX-VO. Op het gebied van arbitrage bestaan echter diverse bilaterale en multilaterale verdragen.1 Voor wat betreft de erkenning en tenuitvoerlegging van in het buitenland gewezen scheidsrechterlijke beslissingen is het Verdrag van New York van toepassing.2
Wat betreft het formeel toepassingsgebied van de regeling betreffende de erkenning en tenuitvoerlegging van EEX-VO wordt afgeweken van de bevoegdheidsregeling van de EEX-VO. De erkennings- en tenuitvoerleggingsregeling is krachtens artikel 32 EEX-VO van toepassing op elke beslissing die door een gerecht van een lidstaat wordt gegeven, ongeacht de daaraan gegeven benaming. Het is niet van belang of de bevoegdheidsvraag binnen het formeel toepassingsgebied van de bevoegdheidsregeling van de verordening valt.3 Ingeval de rechter zich bevoegd heeft verklaard op grond van zijn nationale bevoegdheidsregels (of zich zelfs bevoegd heeft verklaard op grond van een van de exorbitante bevoegdheidsregels in de zin van artikel 3 EEX-vo) worden de beslissingen toch bestreken door de erkennings- en tenuitvoerleggingsregeling van de EEX-vo.4 Beslissingen die door de gerechten van de lidstaten zijn gegeven tegen de verweerder (de inbreukmaker op het mededingingsrecht die de schade heeft veroorzaakt) die niet gevestigd is in een lidstaat vallen dus ook onder de erkennings- en tenuitvoerleggingsregeling van de EEX-VO.
De bevoegdheid van de lidstaat van herkomst wordt op grond van artikel 35 lid 3 EEX-VO niet getoetst. Er is sprake van volledig vertrouwen in de rechtspraak van de lidstaten.5 Uitzonderingen op het niet toetsen van de bevoegdheid van de lidstaat van herkomst worden gevormd door een schending van de bijzondere bevoegdheidsregels betreffende verzekeringen (artikelen 8 t/m 14), consumentenovereenkomsten (artikelen 15 t/m 17) en arbeidsovereenkomsten (artikelen 18 t/m 21). Deze uitzonderingen worden gerechtvaardigd door de ook bij de erkenning en tenuitvoerlegging beoogde bescherming van de economisch zwakkere partij.6 Daarnaast vormt in verband met het openbare orde karakter een schending van de exclusieve bevoegdheidsregels van artikel 22 EEX-VO een weigeringsgrond.7 Het betreft dan geschillen over zakelijke rechten op onroerend goed, geschillen over huur en verhuur, pacht en verpachting van onroerend goed, geschillen over kortlopende huur- en pachtovereenkomsten met betrekking tot onroerend goed, geschillen betreffende de geldigheid, nietigheid of ontbinding van vennootschappen of rechtspersonen die hun plaats van vestiging in een lidstaat hebben, geschillen met betrekking tot besluiten van de organen van deze vennootschappen of rechtspersonen, de geldigheid van inschrijvingen in de openbare registers en oxtrooien, merken, tekeningen en modellen en geschillen over de tenuitvoerlegging van beslissingen.
In artikel 72 EEX-VO wordt nog een weigeringsgrond gegeven in verband met oude (voor de inwerkingtreding van de EEX-vo) executieverdragen die zijn gesloten tussen een lidstaat en een derdestaat waarin sommige bevoegdheidsgronden als exorbitant zijn uitgesloten. Ingeval door de rechter van een andere lidstaat een beslissing wordt gegeven tegen een inwoner van die derdestaat en de rechter zijn bevoegdheid heeft gegrond op een grond die in het betreffende executieverdrag als exorbitant wordt uitgesloten, mag de rechter van de lidstaat die met een derdestaat een executieverdrag heeft gesloten erkenning van de betreffende beslissing weigeren.8
Het internationaliteitsvereiste (inhoudende dat op geheel interne gevallen de bevoegdheidsregeling van de EEX-Vo niet van toepassing is) speelt bij de erkennings- en tenuitvoerleggingsregeling geen rol. Zuiver interne beslissingen kunnen, in tegenstelling tot de bevoegdheidsregeling van de EEX-VO, waarbij het internationaliteitsvereiste functioneert als binnengrens van het formele toepassingsgebied, in de andere staten die partij zijn bij de EEX-VO worden erkend en ten uitvoer gelegd.9