Einde inhoudsopgave
De cyberverzekering vanuit civielrechtelijk perspectief (O&R nr. 129) 2021/V.3
V.3 Terrorisme
mr. N.M. Brouwer, datum 01-06-2021
- Datum
01-06-2021
- Auteur
mr. N.M. Brouwer
- JCDI
JCDI:ADS278791:1
- Vakgebied(en)
Informatierecht / ICT
Verzekeringsrecht / Schadeverzekering
Voetnoten
Voetnoten
P.L. Soeteman, ‘Enkele beschouwingen over molest- en terrorismeverzekeringen in historisch perspectief’, in: J.G.C. Kamphuisen, R.A. Salomons & J.H. Wansink (reds.), Hans Catz, trouwe makelaar ter beurze (Catz-Bundel), Rotterdam: Hudig-Langeveldt Stichting 2006, p. 201. Zie ook V.C. Ammerlaan en W.H. van Boom, ‘De Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor terrorismeschaden’, NJB 2003/45-46, p. 2331.
H. Kunreuther en E. Michel-Kerjan, ‘Challenges for the Terrorism Risk Insurance in the United States’, Journal of Economic Perspectives 2004 vol. 18-4, p. 202.
R. Hartwig, ‘The Fate of TRIA: Is Terrorism an Insurable Risk?’, Insurance Information Institute 2004, p. 2 en R. Hartwig, ‘September 11, 2001: The First Year. One Hundred Minutes of Terror that Changed the Global Insurance Industry Forever’, Insurance Information Institute 2002. Zie ook Kunreuther e.a. 2004 en J.H. Wansink, ‘Niet-polis gebonden bijzondere clausules, polistechnieken, verweren en begrippen “ter beurze”’, in: N. van Tiggele-van der Velde e.a. (reds.), Verzekering ter beurze, Deventer: Kluwer 2017, p. 165.
Hartwig 2002a, p. 8.
Bush op 12 september 2001 na de meeting met het National Security Team, < https://georgewbush-whitehouse.archives.gov/news/releases/2001/09/20010912-4.html>, laatst bezocht 23 juni 2019. Zie ook Hartwig 2002, p. 7 en R. Hartwig, ‘The Impact of the September 11 Attacks on the American Insurance Industry’ in: P. Liedtke & Chr. Courbage (reds.), Insurance and September 11, One Year After, Genève: The Geneva Association 2002, p. 17.
Pan American World Airways Inc v. Aetna Casualty & Sirety Co, 505 D 2d 989, 1005 (2nd Cir. 1974).
Kamerstukken II 2002-03, 28 195, nr. 3, p. 1.
Kamerstukken II 2002/03, 28 195, nr. 3, p. 2. Zie ook Ammerlaan e.a. 2003, p. 2331; J.H. Wansink, ‘Terrorisme: een risico van de nieuwe wereld voor verzekeraars’, in: P.J.M Drion en J.G.C. Kamphuisen (reds.), Tussen persoon en recht (de Kamphuisen-bundel), Deventer: Kluwer 2004, p. 218; Wansink 2017, p. 165.
Pool Reinsurance Company Ltd. (‘Pool Re’). In Spanje, Frankrijk en België was het systeem net iets anders (verplichte extra premies). Zie voor een uitgebreide weergave J-L. Marsaud, ‘Cover for terrorist attacks in Europa after 11 September’, in: P. Liedtke e.a. 2002, p. 43 e.v.
Asser/Wansink, Van Tiggele & Salomons 7-IX* 2012/739.
Zie voor een overzicht
Asser/Wansink, Van Tiggele & Salomons 7-IX* 2012/739. Zie ook Wansink 2017 en Ammerlaan en Van Boom 2003.
Dit geldt voor alle verzekeraars tezamen. Indien de totale schade in een jaar minder dan 7,5 miljoen bedraagt, is er geen rol voor de NHT en komt de schade voor rekening van de verzekeraars zelf (mits gedekt).
Clausuleblad Terrorismedekking versie 23 november 2007, artikel 1.1. Ook ‘kwaadwillige besmetting’ (verspreiden van ziektekiemen) wordt in het Clausuleblad onder terrorismerisico geschaard (artikel 1.2). ‘Groot’ molest in de zin van artikel 3:38 Wft wordt expliciet buiten de definitie van terrorisme gehouden.
Artikel 3.2 Clausuleblad en artikel 7 Protocol afwikkeling claims. Zie hierover kritisch: Ammerlaan en Van Boom 2003. Over de afhandeling van claims door de NHT zie Wansink 2017, p. 167 e.v.
Terrorisme valt van oudsher onder ‘klein molest’ en werd zodoende niet van dekking uitgesloten.1 Terrorisme werd gezien als een risico met een lage frequentie en relatief lage schadecijfers, waarvan de oorzaken bovendien niet met elkaar in verband stonden.2
Dit beeld veranderde drastisch door de aanslagen van 11 september 2001. De aanslagen leidden tot een historisch hoge schadelast, die verzekeraars wereldwijd hebben gedragen.3 Uitsluitingen voor schade door terrorisme waren in de meeste polissen niet aanwezig.4 Een aantal verzekeraars heeft overwogen om een beroep te doen op de ‘act of war’-uitsluiting, vergelijkbaar met de hiervoor besproken molestuitsluiting. Onder andere uitspraken van toenmalig president George W. Bush hebben deze overweging gevoed: “The deliberate and deadly attacks, which were carried out yesterday against our country, were more than acts of terror. They were acts of war.”5 Het beroep van verzekeraars op de clausule bleef uiteindelijk toch achterwege. Deze beslissing sloot aan bij eerdere Amerikaanse jurisprudentie waarin het begrip oorlog restrictief wordt uitgelegd. Een voorbeeld is de kaping en vernietiging van een vliegtuig door leden van het Popular Front for the Liberation of Palestine. Dit incident werd niet als act of war aangemerkt.6
Na 9/11 werden wereldwijd, onder andere onder druk van herverzekeraars die terrorisme in hoog tempo begonnen uit te sluiten,7 maatregelen getroffen om toekomstige verzekeringsproblemen bij terroristische aanslagen te voorkomen. Terrorismerisico’s werden als onverzekerbaar gekwalificeerd door de onvoorspelbaarheid van de realisatie van deze risico’s en van de maximaal te verwachten schade, alsmede vanwege het cumulatierisico. Het risico van een terroristische aanslag is daardoor niet te calculeren en de mogelijk catastrofale gevolgen kunnen bovendien een aanzienlijk deel van de verzekeringsportefeuille treffen.8
Absoluut onverzekerbaar is het terrorismerisico echter niet. Een aantal Europese landen kende reeds vóór 9/11 een apart systeem om terrorismerisico’s te verzekeren, waaronder het Verenigd Koninkrijk. Vanwege de jarenlange aanslagen door de IRA bestond daar al sinds 1993 een nationale poolconstructie om terrorismerisico’s te verzekeren.9 In Nederland werd in 2003 een speciale herverzekeringsmaatschappij opgericht: de Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor Terrorismeschaden N.V. (‘NHT’).10
Bijna alle verzekeringsmaatschappijen in Nederland nemen deel aan de NHT.11 Daarnaast zijn een aantal herverzekeringsmaatschappijen en de Staat deelnemers. De NHT heeft per kalenderjaar een maximumcapaciteit van 1 miljard euro, gebaseerd op een getrapt layer-systeem. Verzekeraars dragen in de eerste laag 400 miljoen, herverzekeraars 550 miljoen in de tweede laag en tot slot draagt de overheid in de derde laag nog 50 miljoen.12 Er geldt een marktfranchise van 7,5 miljoen per jaar.13
Het begrip ‘terrorisme’ is in het Clausuleblad Terrorismedekking, waarnaar alle deelnemende verzekeraars in de polisvoorwaarden verwijzen, gedefinieerd als ‘gewelddadige handelingen/gedragingen […], als gevolg waarvan letsel en/of aantasting van de gezondheid, al dan niet de dood ten gevolge hebbend, en/of schade aan zaken ontstaat dan wel anderszins economische belangen worden aangetast, waarbij aannemelijk is dat deze aanslag of reeks – al dan niet in enig organisatorisch verband – is beraamd en/of uitgevoerd met het oogmerk om bepaalde politieke en/of religieuze en/of ideologische doelen te verwezenlijken’.14 De NHT bepaalt zelf wanneer van terrorisme in de zin van het Clausuleblad sprake is.15