Executele
Einde inhoudsopgave
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/V.I:V.I. NIEUWE (ONGEKENDE) MOGELIJKHEDEN? DE WOND IS ERFRECHTELIJK REEDS GEHECHT
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/V.I
V.I. NIEUWE (ONGEKENDE) MOGELIJKHEDEN? DE WOND IS ERFRECHTELIJK REEDS GEHECHT
Documentgegevens:
Prof.mr. B.M.E.M. Schols, datum 07-12-2007
- Datum
07-12-2007
- Auteur
Prof.mr. B.M.E.M. Schols
- JCDI
JCDI:ADS404960:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Het is niet ondenkbaar dat de quasi-wettelijke verdeling - in navolging van de ouderlijke boedelverdeling uit de vorige eeuw - als 'Teilungsanordnung'een kans maakt het 'Testament van de 21e Eeuw' te worden. Wie weet? Het genus: de wettelijke verdeling, is immers reeds - in navolging van de ouderlijke boedelverdeling - het versterferfrecht van de 21e eeuw ?
T.H.D. STRUYCKEN, De numerus clausus in het goederenrecht, Serie Onderneming en recht deel 37 (diss. Nijmegen), Deventer: Kluwer 2007, p. 537.
WPNR (2004) 6587.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Er zijn meer mogelijkheden met afwikkelingsbewind dan onmogelijkheden. Wel dient in de praktijk steeds de afweging gemaakt te worden ofeen'lasten-executeur' in een concreet geval niet meer op maat is gesneden dan een af-wikkelingsbewind.Vanzelfsprekend is ook een combinatie van beide rechtsfiguren mogelijk.1
Struycken2 heeft in zijn dissertatie de navolgende oproep gedaan:
'Al met al verdient het aanbeveling nog eens goed te kijken naar het ontwerp voor titel 3.6 BWen werk te maken van invoering van een algemene regeling van het bewindin het Nederlandse vermogensrecht. Bewindvormt het logische en nuttige complement van vooral de goederenrechtelijke rechten. Nu is er een ernstige lancune, waarvan men zich bewust is in de financieringspraktijk, maar die ook doorwerkt in gewone boek 3 en boek 5 gevallen. Titel 3.6 is de open wond van het BW.\Curs. BS).
Een open wond?
Wij dienen ons echter te realiseren dat deze open wond op het gebied van het erfrecht reeds gehecht is en ook nog zonder littekens. Wij boffen. Titel 3.6 is erfrechtelijk reeds ingevoerd en, ondanks het erfrechtelijk gesloten stelsel, met veel oog voor de nodige flexibiliteit, zo blijkt uit art. 4:171 BW. De executeur kan niet alleen profiteren van het fenomeen privatieve lastgeving en testamentaire last, doch ook van de aanpalende titel (testamentair bewind). Heeft het erfrecht hier een voorbeeldfunctie voor het algemene vermogensrecht?
Rest ons nog de kwestie 'Huijgen en de afwikkelingsbewindvoerder'.3 Hier wacht ons een happy-end. De klassieke erfrechtelijke handboeken hebben de gelederen inzake de kwestie 'afwikkelingsbewind' gesloten. Het 'wachten' was op het nieuwe Asserdeel 'Erfrecht en Schenking', de 'Asser-Perrick 6B' en wachten wordt in de regel beloond. Nadat de 'Klaassen-Luijten-Meijer' reeds in 2002 duidelijke taal sprak, volgde in het najaar van 2004 de nieuwe druk van'Pitlo/Van der Burght' met eveneens zeer afwikkelingsbewindvriendelij-ke woorden en was de klassieke erfrechtelijke drie-eenheid weer helemaal compleet toen in december 2004 (het tweede gedeelte van) het erfrechtelijke Asserdeel verscheen. Alleen de rechtspraak liet nog op zich wachten.
Op 11 oktober 2006 (een erfrechtelijk historische datum) was het zover. De rechtbank Den Haag mocht de knoop doorhakken.