Einde inhoudsopgave
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/2.2.2.4.d
2.2.2.4.d De agendering van een niet-bindende voordracht
mr. E.J. Breukink, datum 15-04-2022
- Datum
15-04-2022
- Auteur
mr. E.J. Breukink
- JCDI
JCDI:ADS649643:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Voetnoten
Voetnoten
Schut & Anker 2003, p. 471.
Kemp & Renshof 2020, p. 60.
Vgl. Van Solinge 1994, p. 47 die in meer algemene zin schrijft dat in geval van een niet-bindende voordracht de algemene vergadering vrij is in haar benoeming. Het vrije benoemen geschiedt dan door middel van een amendement waarin wordt voorgesteld een ander te benoemen dan degene die op de voordracht staat. Zie over amendementen par. 2.4.4. Anders Schut & Anker 2003, p. 472, volgens wie “geen rechtsregel zich ertegen [verzet] om een onderwerp op de agenda zodanig te specificeren dat het onderwerp benoeming van een bepaalde persoon betreft. Op grond van art. 2:114 lid 2 BW geldt dan dat slechts over die persoon kan worden gestemd.” Genoemde auteurs merken daarbij wel op dat zij desalniettemin een statutaire regeling op dit punt bepleiten.
Schut en Anker verstaan onder een niet-bindende voordracht, een voordracht voor de benoeming van een bepaalde persoon, waarbij in tegenstelling tot de bindende voordracht niet geldt dat de voorgedragen persoon wordt geacht te zijn benoemd indien de voordracht niet wordt doorbroken.1 De niet-bindend voorgedragen persoon wordt slechts benoemd als de voor benoeming benodigde meerderheid vóór benoeming stemt.2 Een niet-bindende voordracht kan, net als een bindende voordracht, uit één of meerdere personen bestaan. De statuten kunnen bepalen dat als geen van de voorgedragen personen wordt benoemd, een nieuwe niet-bindende voordracht wordt opgemaakt. De niet-bindende voordracht heeft dan een repeterend karakter. Als geen van de voorgedragenen benoemd wordt en de niet-bindende voordracht geen repeterend karakter heeft, moet de algemene vergadering kiezen of zij een nieuwe niet-bindende voordracht vraagt, of dat zij vrij benoemt. Bij beursvennootschappen geldt wederom dat vrije benoeming in dezelfde vergadering niet mogelijk is. Bij niet-beursvennootschappen, bestaat deze mogelijkheid, behoudens andersluidende statutaire bepalingen wel.
De vraag komt op of bij een niet-bindende voordracht slechts gestemd kan worden over de voorgedragen personen, of dat de algemene vergadering ook kan besluiten een andere, niet voorgedragen, persoon te benoemen. Het antwoord is eenduidig als de statuten een regeling bevatten inhoudende dat, indien op de agenda een voorstel tot benoeming van een bepaalde persoon wordt geplaatst, alleen over de benoeming van die persoon kan worden gestemd. De algemene vergadering kan dan geen andere persoon benoemen. Als de statuten een dergelijke bepaling niet bevatten, kan de algemene vergadering wel een andere persoon dan de voorgedragene(n) benoemen,3 tenzij het een beursvennootschap betreft. Zoals eerder gezegd geldt naar mijn mening voor beursvennootschappen dat een besluitpunt alleen dan toereikend is aangekondigd als het een concreet voorstel voor besluitvorming bevat. Hieruit volgt dat een besluit tot benoeming van een persoon die niet op de voordracht staat vernietigbaar is op grond van art. 2:114 lid 2 BW.