Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort
Einde inhoudsopgave
Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort (O&R nr. 115) 2019/3.1:3.1 Inleiding
Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort (O&R nr. 115) 2019/3.1
3.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. drs. C.M. Harmsen, datum 01-07-2019
- Datum
01-07-2019
- Auteur
mr. drs. C.M. Harmsen
- JCDI
JCDI:ADS180187:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hoewel in literatuur en rechtspraak de nadruk ligt op de verplichtingen van artikel 3:15i lid 1 BW en artikel 2:10 lid 1 BW, omvat de civielrechtelijke administratieplicht meer dan alleen de verplichting een – kort gezegd – adequate administratie te voeren. Ook de in artikel 2:10 leden 2 tot en met 4 BW genoemde verplichtingen maken – hetzij rechtsreeks hetzij via de van overeenkomstige toepassing verklaring in artikel 3:15i lid 2 BW – deel uit van de civielrechtelijke administratieplicht. De niet- naleving van de verplichting binnen zes maanden na afloop van het boekjaar een balans en een staat van baten en lasten te maken en op papier te stellen alsmede de verplichting de administratie gedurende zeven jaar te bewaren en beschikbaar te maken, leidt ook tot de vaststelling dat het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld.