Einde inhoudsopgave
Het bestuursverbod bij de commanditaire vennootschap (IVOR nr. 93) 2013/5.4.3.3.2
5.4.3.3.2 Interne aansprakelijkheid
Mr. A.J.S.M. Tervoort, datum 11-07-2013
- Datum
11-07-2013
- Auteur
Mr. A.J.S.M. Tervoort
- JCDI
JCDI:ADS449883:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Personenvennootschappen
Voetnoten
Voetnoten
Indien de bestuurder vennoot is kan dat de vennootschapsovereenkomst zelf zijn of een separate overeenkomst van opdracht; indien de bestuurder geen vennoot is kan dat ook een overeenkomst van opdracht zijn of een arbeidsovereenkomst; zie Asser/Maeijer 5-V (1995), nr. 87-94.
Asser/Maeijer 5-V (1995), nr. 94, Asser/Maeijer & Van Olffen 7-VII* (2010), nr. 94.
Asser/Maeijer/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-II* (2009), nr. 440 en nr. 445, Van Schilfgaarde/Winter (2009), p. 167-172.
Kamerstukken I, 2006/07, 28 746, E, p. 21, Asser/Maeijer & Van Olffen 7-VII* (2010), nr. 92.
Rb. Groningen 21 december 2011, RO 2012/25, LJN BV1373 en Rb. Groningen 21 december 2011, RO 2012/26, LJN BV1384. Zo ook Assink (2013), § 99.3.
Art. 2:9 lid 2 BW zoals dat geldt sinds 1 januari 2013. Voordien werd hetzelfde aangenomen: zie in het bijzonder HR 10 januari 1997, NJ 1997, 360 (Staleman/Van de Ven), HR 29 november 2002, NJ 2003, 455 (Schwandt/Berghuizer Papierfabriek) en HR 20 juni 2008, NJ 2009, 21 (Willemsen/NOM). Zie over deze problematiek Asser/Maeijer/ Van Solinge & Nieuwe Weme 2-II* (2009), nr. 445-451, De Groot (2011), p. 52-61, Assink, Bröring, Timmerman & De Valk (2011), p. 14-40, Van der Heijden/Van der Grinten/ Dortmond (2013), nr. 257.
De verplichting tot een behoorlijke taakvervulling geldt allereerst jegens de medevennoten van de besturende vennoot, en daarmee jegens de vennootschap. Indien de bestuurder zijn taak niet naar behoren vervult, schiet hij tekort in de nakoming van een krachtens overeenkomst1 op hem rustende verbintenis en is hij op grond van art. 6:74 e.v. BW jegens zijn medevennoten gehouden tot vergoeding van de daaruit voortvloeiende schade.2 Deze aansprakelijkheid van bestuurders jegens de vennootschap wordt bij de kapitaalvennootschappen wel de interne aansprakelijkheid genoemd.3 In het bijzonder voor de gecommanditeerde vennoten is het van belang dat zij op deze wijze beschermd worden tegen het risico dat de besturende commanditair voor rekening van de commanditaire vennootschap al te gewaagde transacties verricht. De financiële nadelen daarvan, zo die zich voordoen, komen immers ongelimiteerd te hunnen laste. Onder het regime van het wetsvoorstel Personenvennootschappen gold dat voor de beantwoording van de vraag of de besturende vennoot zijn taak behoorlijk heeft vervuld de jurisprudentie betreffende art. 2:9 BW in beginsel rechtstreeks betekenis had.4 Ook voor het huidige recht zou ik een dergelijke rechtstreekse aanknoping willen aannemen: niet is in te zien waarom op dit punt het personenvennootschapsrecht zou moeten afwijken van het kapitaalvennootschapsrecht. 5 Op grond daarvan zal aansprakelijkheid van de bestuurder van een commanditaire vennootschap kunnen worden aangenomen wanneer hem persoonlijk van zijn handelen een ernstig verwijt kan worden gemaakt.6 Dit geldt in mijn optiek niet alleen voor een besturende gecommanditeerde vennoot of een besturende niet-vennoot, maar evenzeer voor een besturende commanditaire vennoot. Het bestaande recht biedt voldoende mogelijkheden om een benadering als deze te verwezenlijken; wetswijziging is daartoe dus niet nodig.