Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort
Einde inhoudsopgave
Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort (O&R nr. 115) 2019/2.2.3.0:2.2.3.0 Introductie
Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort (O&R nr. 115) 2019/2.2.3.0
2.2.3.0 Introductie
Documentgegevens:
mr. drs. C.M. Harmsen, datum 01-07-2019
- Datum
01-07-2019
- Auteur
mr. drs. C.M. Harmsen
- JCDI
JCDI:ADS180088:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Wet van de 2den Juli 1934, tot opheffing van de onderscheiding tusschen handelsdaden en niet-handelsdaden en kooplieden en niet-kooplieden, Stb. 1934, 347.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Artikel 6 lid 1 WvK luidde na de wetswijziging van 1935 als volgt:1
“Ieder, die een bedrijf uitoefent, is verpligt van zijn vermogenstoestand en van alles, wat zijn bedrijf betreft, naar de eischen van zijn bedrijf aanteekening te houden op een zodanige wijze, dat uit de gehouden aanteekeningen te allen tijde zijne regten en verpligtingen kunnen worden gekend.”