Het akkoord
Einde inhoudsopgave
Het akkoord (O&R nr. 60) 2011/1.2:1.2 Verwante rechtsfiguur?
Het akkoord (O&R nr. 60) 2011/1.2
1.2 Verwante rechtsfiguur?
Documentgegevens:
Mr. A.D.W. Soedira, datum 25-02-2011
- Datum
25-02-2011
- Auteur
Mr. A.D.W. Soedira
- JCDI
JCDI:ADS442373:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Onder meer door de versoepeling van de artt. 145/268 Fw en door invoering van art. 287a Fw.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ook buiten de Faillissementswet om kunnen schuldsaneringsregelingen tot stand komen. Deze saneringsregelingen worden in de rechtspraktijk vaak aangeduid met onderhandse akkoorden of buitengerechtelijke akkoorden. Door het gebruik van min of meer gelijkluidende termen kan de suggestie worden gewekt dat de regels met betrekking tot de twee rechtsfiguren uitwisselbaar zouden zijn. Niets is minder waar. De regeling van het akkoord in de Faillissementswet is immers een specialis ten opzichte van de algemene regeling waaronder saneringsregelingen vallen. Zo wordt het akkoord beheerst door de dwingendrechtelijke regels van de Faillissementswet, waarvan in beginsel niet kan worden afgeweken. De onderhandse/buitengerechtelijke akkoorden vallen onder de regels van het algemene verbintenissenrecht. Hier heerst de contractsvrijheid, het regelend recht en het open systeem. Doordat de twee regelingen ieder onder een eigen wettelijk regime vallen, zijn de regels in beginsel niet uitwisselbaar. De rechtspraktijk schijnt hier anders over te denken, gezien de hoeveelheid rechtspraak die sinds het einde van de jaren tachtig hierover is verschenen en gezien de ingrijpende wetswijzigingen die sindsdien zijn doorgevoerd.1 Hierdoor zijn de twee rechtsfiguren steeds meer op elkaar gaan lijken. Niettemin moet worden benadrukt dat het akkoord door de dwingendrechtelijke regels van de Faillissementswet een eigen, bijzonder karakter heeft, waarin tot uitdrukking wordt gebracht dat de regeling op de eerste plaats toeziet op de belangen van de gezamenlijke concurrente schuldeisers en deze tevens waarborgt.