Einde inhoudsopgave
Open normen in het Europees consumentenrecht (R&P nr. CR4) 2011/10.2.2
10.2.2 De handhaving van het handelspraktzjkenrecht
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon, datum 31-08-2011
- Datum
31-08-2011
- Auteur
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon
- JCDI
JCDI:ADS493620:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Black 2005, p. 186. Er is in grote mate sprake van een `voluntary network of control'.
Weatherill 2003, p. 2: 1...) that a Code shall offer specific and worthwhile benefits that entend beyond the consumer's existing legal rights and detailed arrangements for enforcement in the event of non-compliance.'
Weatherill 2003, p. 3.
Weatherill 2003, p. 7.
Director General of Fair Trading/Tobyward Ltd [1989] 1 WLR 517, p. 521-522 (`injunction procedure').
O.g.v. de CMAR 1988 niet, maar o.g.v. de TDA 1968 weer wel.
De toezegging door de handelaar de volgens de toezichthouder geschonden bepalingen niet langer te schenden.
Weatherill 2003, p. 18.
De CMAR 1988 kent geen strafrechtelijke sancties.
617. Engeland toont een duidelijke voorkeur voor zelfregulering en informeel overleg. Daarnaast waarborgt zowel de civiele als de strafrechtelijke rechtsgang, na te zijn ingezet door toezichthouders, zelfregulerende instanties, consumentenorganisaties en individuele consumenten, de eerlijkheid van handelspraktijken.
Gedragscodes spelen in Engeland een zeer gewichtige rol in de regulering van handelspraktijken. 1 Het opstellen van gedragscodes wordt op grond van s. 8 Enterprise Act 2002 aangemoedigd door de OFT, die bevoegd is om gedragscodes goed te keuren wanneer deze de belangen van consumenten voldoende waarborgen, en daartoe criteria heeft ontwikkeld. De goedkeuring geschiedt in twee stappen: het voldoen aan inhoudelijke criteria2 en de feitelijke naleving van de code. Anno 2003 waren al meer dan veertig gedragscodes opgesteld door trade associations in een veelheid aan sectoren. Goedkeuring door de OFT is echter niet verplicht. De reclamebranche kent bijvoorbeeld van oudsher een onafhankelijk, goedwerkend, zelfregulerend handhavingssysteem. De British Code of Advertising and Sales Promotion uitgebracht door de non-gouvernementele Advertising Standards Authority (ASA) eisen dat reclame `legal, decent, honest and truthful' is.3
De bestrijding van misleidende reclame op grond van de uit Europa afkomstige CMAR 1988 mocht volgens de Engelse regering geen afbreuk doen aan de zelfreguleringspraktijk.4 Rechtsmiddelen neergelegd in regelgeving zijn bedoeld om de zelfregulering aan te vullen en bij te staan. Wanneer een zelfregulerende instantie een probleem niet zelf op kan lossen, kan zij de zaak bijvoorbeeld verwijzen naar de toezichthouder, die op grond van regelgeving, verdere juridische actie kan ondernemen.5 Ook de individuele consument kan een klacht indienen bij de toezichthouder. Zelfregulerende instanties en consumenten(organisaties) kunnen soms ook zelfstandig optreden op grond van regelgeving.6
De toezichthouder kan, wanneer overleg en informele druk geen effect sorteren, ook zonder daartoe te zijn aangespoord handhavend optreden door de gang naar de rechter in te zetten (bijvoorbeeld naar de civiele rechter op grond van het eerdergenoemde Part 8 Enterprise Act 2002 of naar de strafrechter op grond van de TDA 1968). De gang naar de civiele rechter begint met een `undertaking'7 die, wanneer zij niet wordt nageleefd, aanleiding kan zijn tot een `court order'. De schending van een 'order' vormt een `contempt of court, for which penalties are unlimited' .8 De handhaving van het Engelse handelspraktijkenrecht is, samengevat, gebaseerd op zelfregulering en overleg enerzijds en op, afhankelijk van de betreffende regelgeving, 9 civielrechtelijke en strafrechtelijke sancties (de `injunction side' en de `criminal side') anderzijds. De toezichthouder speelt een belangrijke rol.