Wie heeft de leiding?
Einde inhoudsopgave
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/5.2.1.3:5.2.1.3 Zakelijk recht als elegante oplossing?
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/5.2.1.3
5.2.1.3 Zakelijk recht als elegante oplossing?
Documentgegevens:
Dr. mr. B.A.M. Janssen, datum 08-12-2010
- Datum
08-12-2010
- Auteur
Dr. mr. B.A.M. Janssen
- JCDI
JCDI:ADS622173:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Naast Struycken was ook Van Velten in eerste instantie voorstander van een nieuw te vormen zakelijk recht van netwerk. In zijn preadvies schreef Van Velten dat weliswaar denkbaar is dat artikel 5:20 BW zou worden uitgebreid met een extra lid, maar dat het wellicht nog beter zal zijn om een nieuwe titel aan boek 5 BW toe te voegen.1
`Wellicht nog beter zal zijn de toevoeging van een nieuwe Titel aan Boek 5 van het BW, inhoudende dat kabels, leidingen enz. die onderdeel zijn van een (al of niet) openbaar netwerk in eigendom toebehoren aan degene die dat netwerk bevoegdelijk tot stand bracht waarbij zo'n netwerk als een — de natrekkingsregel doorbrekend — zakelijk recht op een (aantal) onroerende za(a)k(en) wordt gedefinieerd, uitgaande van onderliggende, aan het publiek- of het privaatrecht ontleende rechtsgronden waarop dit netwerk gerealiseerd is. (...) In die nieuwe titel — die dogmatisch het beste geplaatst zou kunnen worden tussen de titels 8 en 9 van het BW — zouden nadere bepalingen kunnen worden opgenomen inzake het begrip `bevoegdelijk aangelegd openbaar netwerk', terwijl ook een definitie zou kunnen worden gegeven van andere (niet openbare) netwerken waarvoor de titel al of niet zou moeten gelden. Krachtens het algemene stelsel van het Nederlandse Goederenrecht zal zo'n zakelijk recht op een netwerk, vervolgens (...) op eenvoudige wijze kunnen worden overgedragen aan een derde (rechtsopvolger onder bijzondere titel) of kunnen worden bezwaard met hypotheek of beslag.'
Na introductie van de eigendomsregeling legt Van Vellen zich neer bij de keuze van de wetgever:2
`Men kan tegen deze visie bezwaar maken, zoals Struycken (opnieuw) doet aan het slot van zijn onlangs verschenen dissertatie 'De numerus clausus in het goederenrecht', maar dat is een gepasseerd station. Per slot van rekening heeft de wetgever de mogelijkheid om ons goederenrechtelijke stelsel te verruimen en het stelsel aan te passen indien ontwikkelingen in de maatschappij dit noodzakelijk maken' .3