Borgtocht (O&R)
Einde inhoudsopgave
Borgtocht (O&R nr. 84) 2014/7.4.3:7.4.3 Contractsoverneming
Borgtocht (O&R nr. 84) 2014/7.4.3
7.4.3 Contractsoverneming
Documentgegevens:
Mr. Dr. G.J.L. Bergervoet, datum 01-09-2014
- Datum
01-09-2014
- Auteur
Mr. Dr. G.J.L. Bergervoet
- JCDI
JCDI:ADS358334:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Bijzondere onderwerpen
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie Asser/Hartkamp & Sieburgh, 6-II* 2009, nr. 308.
Zie voor een illustratie hiervan: HR 12 mei 1995, NJ 1995/497 (Hartje Stad/Arnoe Beheer).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
218. De wet regelt in art. 6:159 BW de contractsoverneming. Iemand die partij is bij een overeenkomst kan haar rechtsverhouding tot de wederpartij met medewerking van deze laatste aan een derde overdragen bij een tussen haar en de derde opgemaakte akte. De contractsoverneming is, anders dan de schuldoverneming, een overeenkomst met drie partijen.1 Op de contractsoverneming is, onder meer, lid 2 van art. 6:157 BW van overeenkomstige toepassing verklaard (art. 6:159 lid 3 BW). Dit betekent dat het voorgaande inzake het voortbestaan van de rechten uit borgtocht bij de schuldoverneming van overeenkomstige toepassing is op de contractsoverneming. Wanneer in het kader van een contractsoverneming een schuld overgaat op een derde, zal degene die zich borg heeft gesteld voor de terugbetaling van die schuld om toestemming moeten worden gevraagd. Wordt niet om toestemming gevraagd, of wordt deze toestemming niet verleend, dan zullen de rechten uit borgtocht tenietgaan.2