De bevrijdende verjaring
Einde inhoudsopgave
De bevrijdende verjaring (R&P nr. 162) 2008/14.5:14.5 Conclusie
De bevrijdende verjaring (R&P nr. 162) 2008/14.5
14.5 Conclusie
Documentgegevens:
mr. J.L. Smeehuijzen, datum 22-04-2008
- Datum
22-04-2008
- Auteur
mr. J.L. Smeehuijzen
- JCDI
JCDI:ADS370157:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De geschiedenissen van het Duitse en Engelse recht, waar door de rechtsontwikkeling het verjaringsrecht naar de algemene opvatting door inconsistenties en te grote complexiteit onbruikbaar was geworden, dragen bij aan het besef dat ook de 'verbrokkeling' van het Nederlandse verjaringsrecht een punt van aandacht is. Vooralsnog lijkt ons verjaringsrecht de kritische grens die in Duitsland en Engeland overschreden was, nog niet te hebben bereikt.
De wetgever en de rechter kunnen nadere verbrokkeling tegengaan door bij het formuleren van nieuwe verjaringsregels en bij het interpreteren van verjaringsregels zoveel mogelijk hetzelfde normatieve uitgangspunt te kiezen en dezelfde termijn te hanteren (die wenk betreffende de termijn richt zich alleen tot de wetgever).