De woon- en vestigingsplaats in de BTW
Einde inhoudsopgave
De woon- en vestigingsplaats in de BTW (FM nr. 137) 2011/10.3.2:10.3.2 Aftrek van voorbelasting bij een ondernemer met verscheidene vestigingen
Archief
De woon- en vestigingsplaats in de BTW (FM nr. 137) 2011/10.3.2
10.3.2 Aftrek van voorbelasting bij een ondernemer met verscheidene vestigingen
Documentgegevens:
Mr. dr. M.M.W.D. Merkx, datum 10-05-2011
- Datum
10-05-2011
- Auteur
Mr. dr. M.M.W.D. Merkx
- JCDI
JCDI:ADS396458:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting (V)
Omzetbelasting / Algemeen
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
Internationaal belastingrecht / Voorkoming van dubbele belasting
Omzetbelasting / Plaats van levering en dienst
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Art. 169, onderdeel a, btw-richtlijn.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij een ondernemer met verscheidene vestigingen zijn er vier soorten kosten te onderscheiden:
Kosten die rechtstreeks en onmiddellijk verband houden met één of meer door een vaste inrichting verrichte belastbare handelingen.
Kosten die rechtstreeks en onmiddellijk verband houden met de gehele door een vaste inrichting gedreven onderneming.
Door de zetel van bedrijfsuitoefening in haar functie als bestuur van de vennootschap gemaakte kosten die rechtstreeks en onmiddellijk verband houden met de gehele door de vennootschap verrichte economische activiteit.
Kosten die niet behoren tot de onder 1 tot en met 3 genoemde categorieën kosten.
In de situatie dat de betrokken vestigingen onderling geen kosten doorberekenen en werkzaamheden voor elkaar verrichten, is de btw op de kosten genoemd onder 1) en 2) aftrekbaar op basis van de handelingen waaraan zij kunnen worden toegerekend als directe kosten of algemene kosten van de vaste inrichting. De btw op de onder 3) genoemde kosten is aftrekbaar naar rato van de omzet van alle vaste inrichtingen. Daarbij is mijns inziens bepalend of de prestaties van de vaste inrichtingen in hun eigen land zijn belast met btw.1 Dit geldt ook indien deze kosten worden doorbelast door de zetel van bedrijfsuitoefening. De omzet blijft dan bepalend en niet de hoogte van de kostendoorbelasting. Voor de kosten onder 4) bestaat geen recht op aftrek van voorbelasting.
Ingeval vestigingen onderling werkzaamheden voor elkaar gaan verrichten kan worden onderscheiden in twee soorten kosten:
Kosten die volledig worden verbruikt bij het verrichten van de werkzaamheden aan de andere vestiging. Er moet mijns inziens dan door de prestatie van de vestiging worden heen gekeken. De kosten zijn rechtstreeks en onmiddellijk toerekenbaar aan een of meer belastbare handelingen of de gehele bedrijfsactiviteit van de vestiging voor wie de werkzaamheden zijn verricht.
Kosten die niet volledig worden gebruikt voor het verrichten van de werkzaamheden aan de andere vestiging. In dat geval dient fictief het door de vestiging voor wie de werkzaamheden worden verricht betaalde bedrag voor de werkzaamheden als relevante omzet te worden meegenomen om het aftrekrecht te bepalen. Indien de totale omzet van de vestiging die de prestatie ontvangt, zou moeten worden meegenomen ontstaat een vertekend beeld. Heeft de vestiging voor wie de werkzaamheden worden verricht slechts gedeeltelijk recht op aftrek van voorbelasting dan moet op het betaalde bedrag voor de werkzaamheden eerst de pro rata van de vestiging voor wie de werkzaamheden zijn verricht, worden losgelaten.