Nemo tenetur in belastingzaken
Einde inhoudsopgave
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/5.5.3.1:5.5.3.1 Spontaan verklaren raakt niet aan nemo tenetur
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/5.5.3.1
5.5.3.1 Spontaan verklaren raakt niet aan nemo tenetur
Documentgegevens:
Mr. L.C.A. Wijsman, datum 27-11-2016
- Datum
27-11-2016
- Auteur
Mr. L.C.A. Wijsman
- JCDI
JCDI:ADS494685:1
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
EHRM 10 maart 2009 (Bykov t. Rusland), § 101-102.
De nationale gerechten hadden niet direct gesteund op het afgeluisterde gesprek of het transcript daarvan en hadden ook niet specifieke verklaringen van de klager geïnterpreteerd. In plaats daarvan hadden zij het rapport van de expert onderzocht, waarin het gesprek werd geanalyseerd. De opname tijdens de strafprocedure was ook niet als een bekentenis of anderszins als beslissend bewijs gebruikt (§ 103).
EHRM 10 maart 2009 (Bykov t. Rusland), § 92.
EHRM 1 maart 2007 (Heglas t. Tsjechië).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Aangenomen moet worden dat verklaringen die zónder dwang ofwel spontaan zijn afgelegd, niet aan de nemo tenetur-problematiek raken. In Bykov was sprake van het afluisteren en opnemen van een gesprek tijdens een politieonderzoek zonder procedurele waarborgen en is het Hof niet ervan overtuigd dat ‘the obtaining of evidence was tainted with the element of coercion or oppression which in the Allan case the court found to amount to a breach of the applicant’s right to remain silent’.1 Toch steunt de vaststelling dat het zwijgrecht niet was geschonden ook op andere overwegingen.2 Of dit zo kan worden begrepen dat het recht tegen gedwongen zelfbelasting ook in het geding is wanneer geen dwang op de verdachte wordt uitgeoefend, moet worden betwijfeld. Vooral omdat het Hof in het arrest enkel verwijst naar de dan erkende twee grondslagen van het recht zichzelf niet te hoeven belasten (betrouwbaarheid bewijs en procesautonomie) en niet de geïnformeerde keuzevrijheid.3
Zie ook de met Bykov verwante zaak Heglas.4 Daarin had de klager zijn deelname aan een overval bekend in een gesprek met een persoon die door de politie was voorzien van afluisterapparatuur. Het Hof volgt eenzelfde benadering als in Bykov en concludeert niet tot schending van art. 6 EVRM.
Deze zaken maken in ieder geval duidelijk dat het nemo tenetur-beginsel ook buiten het verhoor een rol kan spelen, wanneer de autoriteiten via informanten proberen het zwijgen van de verdachte tijdens verhoor te omzeilen. Hierbij speelt wel het onderscheid tussen verklaringen die onder dwang of spontaan zijn afgelegd. Spontane verklaringen vallen niet binnen het toepassingsbereik van het recht tegen gedwongen zelfbelasting.