Einde inhoudsopgave
Sleutels voor personenvennootschapsrecht (IVOR nr. 102) 2017/4.4.2
4.4.2 Inschrijving als EIRL en instelling van het doelvermogen
Chr.M. Stokkermans, datum 28-02-2017
- Datum
28-02-2017
- Auteur
Chr.M. Stokkermans
- JCDI
JCDI:ADS585725:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Martin 2011, nr. 55.
Code civil, art. 389-8, zoals gewijzigd bij Loi no. 2010-658 inzake de EIRL. Martin 2011, nr. 58 t/m 60; Mallet-Bricout 2011, nr. 81.
Loi no. 2010-658, art. 14, II. Martin 2011, nr. 69.
C.com., art. L.526-7 en 526-8.
C.com., art. L.526-8lid 2, ingevoerd bij Loi no. 2014-626 van 18 juni 2014.
C.com., art. L.526-6 en R.526-3-1. Reverdy, sub I.A.2.
C.com., art. L.526-9leden 1 en 4. Mallet-Bricout 2011, nr. 99.
C.com., art. L.526-10. Martin 2011, nr. 66 en 67. Dit geldt voor inbreng met een waarde van meer dan EUR 30.000.
C.com., art. L.526-12 en art. R.526-8 en 526-10.
Conseil constitutionnel 10 juni 2010, décision 2010-607 DC (NOR : CSCL10155959), met verwijzing naar de Déclaration des droits de l’homme et du citoyen uit 1789.
C.com, art. L.526-12leden 3 en 4; Martin 2011, nr. 71.
Een ondernemer kan zich in het handelsregister laten inschrijven als EIRL. Alleen natuurlijke personen kunnen EIRL zijn.1 Met instemming van beide ouders kan ook een minderjarige die ten minste 16 jaar is, voor het EIRL- regime in aanmerking komen.2 Bij de inschrijving dient de ondernemer een verklaring te deponeren waarbij hij een gedeelte van zijn vermogen bestemt als EIRL-vermogen. Dit EIRL-vermogen is afgescheiden van zijn privévermogen, maar blijft op naam van de ondernemer staan. Sinds 1 januari 2013 kan een ondernemer ook verschillende EIRL-vermogens in stand houden.3
De verklaring van doelbestemming omvat een beschrijving van de afgescheiden vermogensbestanddelen, inclusief waardering, en het doel van de ondernemingsactiviteiten waartoe het EIRL-vermogen is bestemd.4 Degene die als ondernemer gaat beginnen, kan ermee volstaan een (klein) geldbedrag voor zijn ondernemingsactiviteiten te bestemmen. Degene die al een eenmanszaak heeft, kan de laatste balans van die eenmanszaak als beschrijving aanmerken, mits die niet ouder is dan vier maanden.5 De voor de uitoefening van de professionele activiteit noodzakelijke vermogensbestanddelen (zoals materiaal, huurcontract bedrijfsruimte, eigendom bedrijfspand en de daarbij behorende hypothecaire geldlening) dienen verplicht tot het EIRL-vermogen te worden gerekend. Het gaat om vermogensbestanddelen die als het ware van nature tot het ondernemingsvermogen behoren. Daarnaast staat het de ondernemer vrij om vermogensbestanddelen die hij bij zijn ondernemersactiviteiten maar ook daarbuiten gebruikt, tot het EIRL-vermogen te rekenen. Hierbij kan worden gedacht aan een personenauto en een woon/werk-pand.6 Voor afscheiding van registergoederen is tevens een notariële akte en inschrijving in de openbare registers vereist.7 Voor doelbestemming van iets anders dan geld is net als bij inbreng in natura in een EURL een accountantsverklaring vereist, indien de waarde een bepaald bedrag te boven gaat.8
De verklaring van doelbestemming kan worden ingeroepen tegen schuldeisers wier vorderingen na deponering van die verklaring zijn ontstaan. De verklaring kan tevens worden ingeroepen tegen schuldeisers wier vorderingen voordien zijn ontstaan, mits dat in de verklaring wordt vermeld en die schuldeisers daarover worden geïnformeerd. Deze bestaande schuldeisers hebben vervolgens een maand de tijd om verzet aan te tekenen.9 De Franse constitutionele raad heeft geoordeeld dat deze beperking van de verhaalsmogelijkheden van bestaande schuldeisers niet ongrondwettelijk is, mits de betrokken schuldeisers persoonlijk over de verklaring van doelbestemming en het verzetsrecht worden geïnformeerd.10
Het is aan de rechter om op eventueel aangetekend verzet een uitspraak te doen. De rechter kan het verzet verwerpen, dan wel voldoening van de vordering bevelen, dan wel het stellen van zekerheden bevelen, indien deze worden aangeboden en door de rechter voldoende worden bevonden. Wat ‘voldoende’ is, wordt geheel aan de rechter overgelaten. Als niet wordt voldaan aan het rechterlijk bevel, kan de vermogensscheiding niet aan de betrokken schuldeiser worden tegengeworpen. Die schuldeiser kan zich dan blijven verhalen op het gehele vermogen van de ondernemer.11