Einde inhoudsopgave
De woon- en vestigingsplaats in de BTW (FM nr. 137) 2011/6.4.3
6.4.3 De vestigingsplaats van een lichaam
Mr. dr. M.M.W.D. Merkx, datum 10-05-2011
- Datum
10-05-2011
- Auteur
Mr. dr. M.M.W.D. Merkx
- JCDI
JCDI:ADS394053:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting (V)
Omzetbelasting / Algemeen
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
Internationaal belastingrecht / Voorkoming van dubbele belasting
Omzetbelasting / Plaats van levering en dienst
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
A.C.G.A.C. de Graaf, P. Kavelaars en A.J.A. Stevens, a.w., blz. 20.
J. Hoogendoorn, De zetel(s) van vennootschappen, in: Fantasie en durf. Bundel ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan van Fed fiscaal weekblad, Deventer, Uitgeverij FED, 1991, blz. 58.
HR 23 september 1992, nr. 27 293, BNB 1993/193.
C. van Raad/F.P.G. Pötgens en G.T. W. Janssen, a.w., paragraaf 3.2.4.B, d.
A.C.G.A.C. de Graaf, P. Kavelaars en A.J.A. Stevens, a.w., blz. 21.
Zie bijvoorbeeld HR 21 augustus 1985, nr. 22 930, BNB 1985/302, Hof Den Haag 20 december 1989, nr. 136/89, BNB 1991/126 en HR 9 september 1992, nr. 27 444, BNB 1992/368.
Zie bijvoorbeeld Hof Den Haag 22 januari 1982, nr. 100/81, BNB 1984/9, HR 1 juli 1987, nr. 23 877, BNB 1987/306, HR 9 september 1992, reeds aangehaald en HR 7 mei 1996, nr. 31 394, BNB 1997/222.
Zie bijvoorbeeld Hof Den Haag 22 januari 1982, reeds aangehaald, HR 21 augustus 1985, reeds aangehaald, HR 1 juli 1987, reeds aangehaald, Hof Den Haag 30 oktober 1996, nr. 95/0161, VN 1997, blz. 2823 en HR 7 mei 1996, reeds aangehaald.
Zie bijvoorbeeld Hof Den Haag 22 januari 1982, reeds aangehaald en HR 20 april 1988, nr. 24 189, BNB 1988/176.
Zie bijvoorbeeld HR 7 mei 1996, reeds aangehaald en Hof Den Haag 20 december 1989, reeds aangehaald.
Zie bijvoorbeeld HR 21 augustus 1985, reeds aangehaald, HR 1 juli 1987, reeds aangehaald en HR 27 april 1988, nr. 24 252, BNB 1988/181.
Zie bijvoorbeeld HR 21 augustus 1985, reeds aangehaald, HR 1 juli 1987, reeds aangehaald, HR 27 april 1988, reeds aangehaald en Hof Den Haag 20 december 1989, reeds aangehaald.
HR 21 augustus 1985, reeds aangehaald en HR 27 april 1988, reeds aangehaald.
HR 21 augustus 1985, reeds aangehaald, HR 27 april 1988, reeds aangehaald en HR 1 februari 1989, nr. 24 983, BNB 1989/142.
Zie bijvoorbeeld HR 21 augustus 1985, reeds aangehaald, HR 27 april 1988, reeds aangehaald, HR 30 november 1988, reeds aangehaald en HR 1 februari 1989, reeds aangehaald.
Zie bijvoorbeeld HR 21 augustus 1985, reeds aangehaald en HR 1 februari 1989, reeds aangehaald.
Hof Arnhem 24 december 2003, nr. 03/00026, te vinden op www.rechtspraak.nl.
Zie bijvoorbeeld HR 27 april 1994, nr. 28 500, BNB 1994/208 en Hof Den Haag 30 oktober 1996, reeds aangehaald.
Zie voor een uitgebreide bespreking van de jurisprudentie met betrekking tot de vestigingsplaats van lichamen Nederlandse regelingen van Internationaal Belastingrecht I.B. Belangrijke leerstukken, hoofdstuk 2, paragraaf 3.3.3 en 3.3.4.
A.C.G.A.C. de Graaf, P. Kavelaars en A.J.A. Stevens, a.w., blz. 21.
Ook de vestigingsplaats van een lichaam wordt op grond van art. 4 AWR naar de omstandigheden beoordeeld. Er moet daarbij worden vastgesteld waar de feitelijke leiding van het lichaam is gevestigd. De feitelijke leiding is de hoofdleiding en niet de dagelijkse leiding.1 Het gaat hierbij om de feitelijke leiding van het lichaam en niet de feitelijke leiding van de door het lichaam gedreven onderneming.2
In zijn uitspraak van 23 september 1992, opgenomen in BNB 1993/193,3 formuleert de Hoge Raad de hoofdregel dat er in het algemeen van kan worden uitgegaan dat de werkelijke leiding van het lichaam berust bij zijn bestuur en dat de vestigingsplaats overeenkomt met de plaats waar dit bestuur zijn leidinggevende taak uitoefent.4 Wanneer echter aannemelijk is dat de werkelijke leiding van het lichaam door een ander wordt uitgeoefend dan dat bestuur, kan er aanleiding zijn als vestigingsplaats van het lichaam aan te merken de plaats van waaruit die ander de leiding uitoefent.5
Omstandigheden die bij het bepalen van de plaats waar de feitelijke leiding is gevestigd van belang zijn, zijn:
de woonplaats van de bestuurders;6
de plaats waar de aandeelhouders- en/of directievergaderingen worden gehouden;7
de plaats waar de administratie wordt gevoerd, de boekhouding wordt gevoerd en/of het opstellen van de jaarrekening plaatsvindt;8
de plaats van waaruit feitelijke handelingen aangaande de onderneming worden verricht;9
de woonplaats van de aandeelhouder(s);10
het recht van oprichting;11
de statutaire zetel;12
de vestigingsplaats of de belastingplicht volgens de buitenlandse autoriteiten;13
de aanwezigheid van personeel, waarbij rekening kan worden gehouden met de omstandigheid dat de activiteit van het lichaam in kwestie slechts een beperkte aanwezigheid van personeel eist;14
de aanwezigheid van kantoorruimte of juist het ontbreken daarvan;15
deskundigheid en aanwezige kennis bij ter plaatse aanwezig personeel;16
plaats waar de vermogensbestanddelen van de onderneming zijn gelegen;17
vermelding van een adres op aangifte, aanslagen, bankafschriften en dergelijke.18,19
De Graaf, Kavelaars en Stevens nemen de stelling in dat als het bestuur bestaat uit meer dan één persoon de plaats van leiding wordt geacht te worden uitgeoefend daar waar de bestuurders samenkomen om te overleggen. Als dit geen eenduidig antwoord oplevert, zijn de volgende omstandigheden ook van belang (in afnemende betekenis):
• de plaats waar de onderneming wordt uitgeoefend;
• de woonplaats van de bestuurders;
• de plaats waar de administratie wordt gevoerd;
• de plaats waar de algemene vergadering van aandeelhouders wordt gehouden;
• de plaats waar de statutaire zetel is gevestigd.20