De weg naar schadevergoeding in het internationale gemotoriseerde verkeer
Einde inhoudsopgave
De weg naar schadevergoeding in het internationale gemotoriseerde verkeer (Verzekeringsrecht) 2010/3.4.1:3.4.1 Inleidende opmerkingen
De weg naar schadevergoeding in het internationale gemotoriseerde verkeer (Verzekeringsrecht) 2010/3.4.1
3.4.1 Inleidende opmerkingen
Documentgegevens:
mr. F.J. Blees, datum 29-04-2010
- Datum
29-04-2010
- Auteur
mr. F.J. Blees
- JCDI
JCDI:ADS397195:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De Nederlandse wetgeving met betrekking tot de verplichte verzekering voor motorrijtuigen wordt in deze paragraaf niet uitputtend behandeld. Het onderwerp van dit boek is immers niet de Wam als zodanig, maar slechts de internationale kant ervan. In dat internationale verband komen de positie van de verzekeraar, het Nederlands Bureau der Motorrijtuigverzekeraars1, het Waarborgfonds Motorverkeer2
, het schadevergoedingsorgaan3 en de schaderegelaar en de dekking die zij dienen te verlenen, in de volgende hoofdstukken uitvoerig aan de orde. Op deze plaats wordt slechts aandacht besteed aan de aspecten die in de paragrafen 3.3.5.2 tot en met 7 in het kader van de richtlijnen aan de orde zijn geweest: de toelating van Wam-verzekeraars tot de Nederlandse markt, de verzekeringsplicht en de uitzonderingen daarop, alsmede aspecten van de controle op de naleving. In dit kader moet bovendien en allereerst enige aandacht worden besteed aan de Benelux-Overeenkomst betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen. De Benelux-Overeenkomst en vooral de daarbij behorende Gemeenschappelijke bepalingen kunnen worden gezien als nationaal recht. Dat rechtvaardigt dat zij in deze paragraaf over het Nederlandse recht worden besproken.