Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/808
Aanwezig hebben van 11,12 gram cocaïne, art. 2 onder C Opiumwet. Niet-ontvankelijkheid OM in eerste aanleg. Verweer strekkende tot niet-ontvankelijkheid OM wegens schending van ne bis in idem-beginsel (art. 68 Sr). Kon hof het OM ontvankelijk in vervolging verklaren, nu verdachte vanwege tlgd. feit reeds dwangsom heeft verbeurd? HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 17-06-2025, ECLI:NL:HR:2025:896
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
17 juni 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.E.M. Röttgering, C. Caminada
- Zaaknummer
23/02442
- Conclusie
plv. A-G mr. V.M.A. Sinnige
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:896, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑06‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:497, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 13‑05‑2025
Essentie
Aanwezig hebben van 11,12 gram cocaïne, art. 2 onder C Opiumwet. Niet-ontvankelijkheid OM in eerste aanleg. Verweer strekkende tot niet-ontvankelijkheid OM wegens schending van ne bis in idem-beginsel (art. 68 Sr). Kon hof het OM ontvankelijk in vervolging verklaren, nu verdachte vanwege tlgd. feit reeds dwangsom heeft verbeurd? HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/02442
Datum 17 juni 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 9 juni 2023, nummer 21-000512-22, in de strafzaak ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.