Einde inhoudsopgave
De positie van aandeelhouders in beursvennootschappen (IVOR nr. 103) 2017/4.2.1
4.2.1 Inleiding
F.G.K. Overkleeft, datum 28-05-2017
- Datum
28-05-2017
- Auteur
F.G.K. Overkleeft
- JCDI
JCDI:ADS389450:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld het gelijk genaamde hoofdstuk in B.E. Harcourt, The Illusion of Free Markets, Cambridge (Mass.): Harvard University Press 2011, p. 121-150. Harcourt is zelf als hoogleraar aan de University of Chicago Law School verbonden.
Term afkomstig uit N. Klein, The Shock Doctrine, London: Penguin 2007, p. 77-81 (verwijzend naar de aan de University of Chicago opgeleide adviseurs van de Chileense dictator Pinochet).
J. Fox, The Myth of the Rational Market, New York: Harper Business 2009, p. 158.
Ibid, p. 353 noot 17.
Zie ook Harcourt 2011, p. 131 noot 56 (p. 271): “Hayek indirectly played a crucial role in Aaron [Director] coming to Chicago. Aaron in turn played a crucial role in Hayek’s coming to Chicago (…) Hayek came to Chicago in 1950 in connection with money provided by the Volker Fund, the same foundation that was responsible for the original grant that brought Aaron to Chicago.”
Wapshott 2011, p. 215-218.
J. Cassidy, How Markets Fail, New York: Farrar, Straus & Giroux 2009, p. 46.
Wapshott 2011, p. 223-225.
De herkomst van law & economics gaat tenminste terug tot begin jaren ’60 van de vorige eeuw. De vroege ontwikkeling van dit wetenschapsgebied voltrok zich hoofdzakelijk in de Verenigde Staten, waarbij met name economen en juristen van de University of Chicago een belangrijke rol speelden. De University of Chicago Law School was de eerste rechtenfaculteit met een law & economics- programma; zij startte in 1958 ook met het uitgeven van het Journal of Law and Economics. Vele sleutelfiguren uit de beginperiode van de law & economics- beweging waren aan de University of Chicago verbonden of hadden aan deze universiteit gestudeerd. De opkomst van law & economics viel voorts samen met een langdurige bloeiperiode van de economische faculteit aan de University of Chicago. De intellectuele traditie die in deze periode vanuit de University of Chicago is gevestigd wordt ook wel aangeduid als de ‘Chicago School’1 terwijl ‘volgelingen’ ook wel ‘Chicago Boys’ (een doorgaans negatieve connotatie) zijn genoemd.2
De institutionele vermenging tussen de rechtenfaculteit en de economische faculteit vindt mogelijk haar oorsprong in de benoeming van de conservatieve econoom A. Director aan de University of Chicago Law School in 1946. Director stond in hoog aanzien bij de hoogleraren van de economische faculteit van de University of Chicago, maar kon niet aan die faculteit worden benoemd omdat hij niet was gepromoveerd. Als oplossing werd voor Director een aanstelling aan de Law School geregeld aangezien daar voor geen doctorsgraad was vereist. Director zou zich ontwikkelen tot een invloedrijk docent aan de Law School, onder meer via een seminar over de economische effecten van mededingingswetgeving.3 Director’s aanstelling werd gefinancierd door de William Volker Charities Fund, een op liber tarische leest geschoeide nonprofit organisatie.4 Dezelfde organisatie zou in 1950 de aanstelling van Hayek aan de University of Chicago gedeeltelijk financieren.5 Ook Hayek werd niet aan de economische faculteit benoemd– het voorstel tot zijn aanstelling als hoogleraar was door de economische faculteit zelf geblokkeerd. In plaats daarvan werd hij als hoogleraar ‘social and moral science’ aan het multidisciplinaire ‘Chicago Committee on Social Thought’ aangesteld.6 Hij zou daar lange tijd een invloedrijk wekelijks seminar getiteld ‘The Liberal Tradition’ doceren dat ook door economen zoals Friedman regelmatig werd bezocht.7 Hayek zou tot 1962 in Chicago blijven.8