De bij dode opgerichte stichting
Einde inhoudsopgave
De bij dode opgerichte stichting (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2020/8.3:8.3 De bij dode opgerichte stichting als verkrijger in de huidige erfbelasting
De bij dode opgerichte stichting (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2020/8.3
8.3 De bij dode opgerichte stichting als verkrijger in de huidige erfbelasting
Documentgegevens:
mr. T.F.H. Reijnen, datum 01-09-2020
- Datum
01-09-2020
- Auteur
mr. T.F.H. Reijnen
- JCDI
JCDI:ADS232426:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Erfrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
F. Sonneveldt, ‘Is de toekomst van de Successiewet 1956 te destilleren uit het recente verleden?’ NTFRB 2017/4, merkt op, dat de restauratie van de wet in 2010 uiteindelijk minder rigoureus uitvalt dan aangekondigd.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In 2010 is de successiewet wederom grondig herzien. Niettemin is van een ‘geheel nieuwe’ wet geen sprake.1 Naast de gewijzigde begrippen – erf- en schenkbelasting in plaats van successie- en schenkingsrecht – is de invoering van de APV-regeling van grote betekenis. Sinds de wijziging in 2010, kent de wet vier regimes die op de bij dode opgerichte stichting van toepassing kunnen zijn.
8.3.1 Vier mogelijke regimes voor bij dode opgerichte stichting