Vastgoedtransacties in de Europese btw
Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/4.5.3.1.1:4.5.3.1.1 Inleiding
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/4.5.3.1.1
4.5.3.1.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. dr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. dr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291101:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
H.D. Ploeger, T&C BW, commentaar op art. 7:175 BW (online, bijgewerkt t/m 15 februari 2021).
HR 6 december 1968, nr. 1968-12-06/NJ_52208, NJ 1969, 310 (Jongbloed c.s./Jongbloed).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het Nederlandse civiele recht maakt de Hoge Raad onderscheid tussen het geval dat sprake is van een verkoop tegen een weliswaar lage, maar toch reële prijs en het geval dat de bedongen tegenprestatie van zo geringe betekenis is, dat zij niet als een werkelijke koopprijs kan worden beschouwd, zoals een symbolische vergoeding1.2 Ook in de btw wordt aangenomen dat een verwaarloosbare tegenprestatie aan het aannemen van een prestatie onder bezwarende titel in de weg staat. Die aanname is gebaseerd op het Commissie/Frankrijk-arrest waarin het Hof van Justitie heeft laten doorschemeren dat de verhuur van vastgoed tegen een zo lage prijs dat die als vrijgevigheid moet worden beschouwd onbelastbaar is.
In deze paragraaf wordt nader ingegaan op de vraag wanneer sprake is van een verwaarloosbare vergoeding. De opbouw van deze paragraaf is als volgt. Eerst wordt ingegaan op het begrip ‘vrijgevigheid’ (paragraaf 4.5.3.1.2). Vervolgens komen de factoren aan bod die relevant zijn voor de ‘vrijgevigheidstoets’ (paragraaf 4.5.3.1.3). Ten slotte wordt ingegaan op een (duidelijk) voorbeeld van vrijgevigheid: de symbolische vergoeding (paragraaf 4.5.3.1.4).