Beschadigd vertrouwen
Einde inhoudsopgave
Beschadigd vertrouwen 2021/8.6.2.2:8.6.2.2 Consensus
Beschadigd vertrouwen 2021/8.6.2.2
8.6.2.2 Consensus
Documentgegevens:
G.M. Kuipers MSc, datum 01-09-2021
- Datum
01-09-2021
- Auteur
G.M. Kuipers MSc
- JCDI
JCDI:ADS480722:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Eindadvies ‘Vertrouwen in een duurzame toekomst’ 2013, p. 45.
Handelingen II 2013/14, nr. 50, item 7, p. 47.
Stoker e.a. 2015.
Kamerstukken II 2015/16, 33529, nr. 209; Dialoogtafel Groningen 2015.
Bakema, Parra & McCann 2018, p. 11.
Groninger Gasberaad 2015.
Regeling subsidie uitvoering Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen, Stcrt. 2017, 69348.
Groninger Gasberaad 2 juli 2021.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hoewel inspraakmogelijkheden door de jaren heen toe leken te nemen, behelsden zij geen verplichting tot consensus. Meest in de buurt van zoeken naar consensus kwam de in 2014 ingestelde Dialoogtafel, die op basis van de successen van de Alderstafel rond Schiphol ook voor Groningen werd voorgesteld door de commissie-Meijer (en reeds daarvoor in een Kamermotie1). De bedoeling van de commissie was dat aan deze tafel ‘breed gedragen adviezen’ werden opgesteld en het een ‘verplichtend instrument’2 werd. De Dialoogtafel had echter niet de bevoegdheid om de schadeoorzaak – het niveau van de gaswinning – te bespreken of aan te passen zoals bij de Alderstafel rond Schiphol wel het geval was. Omdat de bevoegdheid voor het bepalen van het niveau van de gaswinning krachtens de Mijnbouwwet bij de minister ligt, stelde minister Kamp: ‘Je kunt er dus aan een dialoogtafel over praten, maar we moeten niet de suggestie wekken dat de besluitvorming daar kan plaatsvinden.’3 Medio 2015 concludeerden onderzoekers dat de Dialoogtafel een aantal successen had behaald, vooral op het terrein van leefbaarheid en waardevermeerdering, maar dat betrokkenen niet tevreden waren over de rol van de Tafel en dat een echte ‘dialoog’ niet tot stand kwam.4 De Tafel werd opgeheven. Critici, zoals oud-voorzitter Jacques Wallage, stelden dat EZ en NAM niet tot een gelijk speelveld wilden komen.5 Rijk en regio vielen terug in hun hiërarchisch patroon en zagen elkaar niet als gelijke gesprekspartners. Bovendien ontbrak het sommige partijen aan tafel aan democratische legitimatie, of waren zij te beperkt betrokken in daadwerkelijke formulering van beleid. Vooral de maatschappelijke organisaties verloren hierdoor vertrouwen in de rol van de Dialoogtafel.6
Het Groninger Gasberaad, dat een aantal maatschappelijke organisaties bundelde die aan de Dialoogtafel vertegenwoordigd zaten, functioneerde als gedeeltelijke opvolger van de Dialoogtafel.7 Het Gasberaad en de GBB vormden tot 2019 een maatschappelijke stuurgroep die de NCG adviseerde en ontvingen hiervoor financiële ondersteuning in de vorm van een subsidie vanuit het Rijk.8 Zo financierde de overheid (beperkt) tegenmacht binnen het dossier. Volgens het Gasberaad was anno 2021 echter eerder sprake van ‘achteraf informeren en uitleggen’9 dan daadwerkelijke participatie.