Klachtdelicten
Einde inhoudsopgave
Klachtdelicten (SteR nr. 65) 2024/5.5:5.5 Afronding
Klachtdelicten (SteR nr. 65) 2024/5.5
5.5 Afronding
Documentgegevens:
J.L.F. Groenhuijsen, datum 13-02-2024
- Datum
13-02-2024
- Auteur
J.L.F. Groenhuijsen
- JCDI
JCDI:ADS946143:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk staat de beperking die de regeling van klachtdelicten met zich brengt voor de vervolgingsvrijheid van het openbaar ministerie centraal. In dat kader is bezien hoe het klachtvereiste zich verhoudt tot het publiekrechtelijke karakter van het strafrecht, het vervolgingsmonopolie en het opportuniteitsbeginsel. Deze fundamentele aspecten van de Nederlandse strafrechtspleging liggen ten grondslag aan de centrale positie die het openbaar ministerie inneemt bij de strafrechtelijke rechtshandhaving. Desalniettemin heeft het slachtoffer van een klachtdelict het recht om een vervolging te voorkomen door een klacht achterwege te laten. Dit geeft aanleiding om te onderzoeken hoe deze macht van het betrokken individu zich verhoudt tot voormelde fundamentele uitgangspunten van ons strafrechtelijke systeem. Hierna worden de belangrijkste vaststellingen op hoofdlijnen weergegeven, waarna enkele slotbevindingen volgen.
5.5.1 Resumé5.5.2 Slotbevindingen