Einde inhoudsopgave
Ontwikkelingen in het civielrechtelijk conservatoir beslag in Nederland (BPP nr. XV) 2013/7.2
7.2 Procesverloop in hoofdzaken
mr. M. Meijsen, datum 27-05-2013
- Datum
27-05-2013
- Auteur
mr. M. Meijsen
- JCDI
JCDI:ADS497047:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Bron: Centraal Bureau voor de Statistiek, Den Haag/Heerlen. Rechtspraak, civiele zaken bij rechtbanken 2006.
Via de methode van matching: paragraaf 2.4.3.
Voor deze vergelijking zijn de niet bekende hoofdzaken (mogelijke oorzaken op basis van kwalitatieve gegevens: beslag niet gekleefd, verlof niet voor het geheel verleend, goederen niet meer aanwezig, niet tijdig verlenging aangevraagd) en door methodiek (matching vond alleen plaats binnen de rechtbank die het verlof verleende) niet meegerekend. De vergelijkbaarheid geldt voor de alsdan ontstane groep van ‘bekende hoofdzaken’ (117 zaken in de verzameling met opheffingskortgeding en 124 in de verzameling zonder opheffingskortgeding). De basisomvang van de oorspronkelijke verzamelingen bestaat uit ieder 267 zaken.
Het gaat daarbij niet alleen om de gebruikelijke intrekkingen en royementen maar ook om andere factoren, zoals vermeld in voorgaande voetnoot. De verzameling waarover gegevens bekend zijn is derhalve (noodgedwongen) niet aselect.
In verhouding tot de oorspronkelijke hoofdverzamelingen (zaken met opheffingskortgeding respectievelijk zonder opheffingskortgeding) die elk 267 zaken omvatten.
Een algemeen kenmerk van gerechtelijke procedures is dat een aangebrachte zaak niet altijd in een vonnis resulteert. Dit geldt evenzeer voor hoofdzaken: het landelijke beeld voor civiele zaken, begonnen met een dagvaarding en korte gedingen, kende in het basisjaar van het onderzoek naar conservatoir beslag een afdoening ‘anders dan met een vonnis’ in dagvaardingszaken van circa veertig procent van het totaal aantal aangebrachte zaken.1 De hoofdzaken die werden getraceerd in het kader van het onderzoek naar conservatoir beslag2 laten een vergelijkbaar beeld zien.3 Desalniettemin dient bij de bespreking van de hiernavolgende resultaten over getraceerde hoofdzaken in het achterhoofd te worden houden dat het om gegevens gaat waar een aanzienlijke voorselectie aan is voorafgegaan,4 hetgeen ertoe leidt dat de resultaten betrekking hebben op een geringer aantal zaken dan het oorspronkelijke aantal zaken dat deel uitmaakte van het onderzoek.5