De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen
Einde inhoudsopgave
De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen (VDHI nr. 163) 2020/1.5:1.5 Plan van behandeling
De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen (VDHI nr. 163) 2020/1.5
1.5 Plan van behandeling
Documentgegevens:
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen, datum 02-02-2020
- Datum
02-02-2020
- Auteur
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen
- JCDI
JCDI:ADS197768:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dit boek bevat zeven hoofdstukken. Hoofdstuk 2 vormt de basis voor de daaropvolgende hoofdstukken. Het schetst de positie van aandeelhouders onder het vennootschapsrecht. In het bijzonder besteed ik aandacht aan de rechten verbonden aan een aandeel. Aandeelhouders kunnen door uitoefening van hun rechten invloed uitoefenen op het beleid van de vennootschap. Gelet op het onderwerp van dit onderzoek behandel ik de rechten die relevant kunnen zijn in het kader van een preventieve herstructurering. Tot slot onderzoek ik de vennootschapsrechtelijke grenzen aan de uitoefening van aandeelhoudersrechten. In de hoofdstukken 4, 5 en 6 worden deze grenzen nader beoordeeld wanneer de vennootschap in financiële nood verkeert en een preventieve herstructurering aan de orde is.
In hoofdstuk 3 staat de Europese regelgeving centraal. Het Europese raamwerk voor de Nederlandse regelgeving over preventieve herstructureringen wordt onderzocht. Na een korte schets van de Europese ontwikkelingen op het gebied van preventieve herstructureringen, bespreek ik de richtlijn betreffende herstructurering en insolventie. Het preventieve herstructureringsstelsel dat de Richtlijn bevat, onderzoek ik op hoofdlijnen. De positie van aandeelhouders wordt daarentegen uitvoerig onderzocht. Tot slot ga ik in op de grenzen die artikel 1 EP EVRM stelt aan een inmenging in het eigendomsrecht van aandeelhouders in het kader van een preventieve herstructurering en op de negatieve verenigingsvrijheid.
In hoofdstuk 4 komt het Engelse recht aan bod. Na een analyse van de omstandigheden waaronder buiten een preventieve herstructureringsprocedure om rechten van aandeelhouders tegen hun wil kunnen worden gewijzigd, worden de scheme en de cva, inclusief toekomstige hervormingen, onderzocht. Het betreft een uiteenzetting op hoofdlijnen voor zover het niet de positie van aandeelhouders betreft. Tot slot onderzoek ik de uitoefening van aandeelhoudersrechten bij die procedures. Waar relevant voor de positie van aandeelhouders, geef ik aan in hoeverre de scheme en de cva afwijken van de WHOA en betoog ik welke onderdelen uit de Engelse procedures inspiratie bieden voor het Nederlandse recht.
Het Duitse recht behandel ik in hoofdstuk 5. In uitzonderlijke situaties mogen rechters in Duitsland ook buiten de akkoordprocedure uit de Insolvenzordnung om, op grond van het vennootschapsrecht, ingrijpen in de rechten van aandeelhouders. Deze mogelijkheid komt allereerst aan bod. Vervolgens zet ik de ontwikkelingen in de Duitse wetgeving uiteen en de verhouding tot de Richtlijn. Daarna wordt de akkoordprocedure in combinatie met een Schutzschirm onderzocht. De focus ligt daarbij op de positie van aandeelhouders binnen de procedure en de mogelijke wijziging van hun aandeelhoudersrechten. Waar relevant voor de positie van aandeelhouders, geef ik aan in hoeverre het Duitse recht afwijkt van de WHOA en betoog ik op welke punten het inspiratie biedt voor het Nederlandse recht.
In hoofdstuk 6 onderzoek ik het Nederlandse recht. Hier wordt de onderzoeksvraag beantwoord. Ik bespreek allereerst de figuur van noodzaakfinanciering. Vervolgens komt de regeling van surseance van betaling kort aan bod. Aandeelhouders zijn weliswaar niet betrokken bij de surseanceakkoordregeling, maar het betreft wel een preventieve herstructureringsprocedure. De regeling van het surseanceakkoord zal tevens in overeenstemming worden gebracht met de Richtlijn.1 Daarna onderzoek ik uitvoerig de WHOA, met de focus op de uitoefening van aandeelhoudersrechten onder het vennootschapsrecht en de positie van aandeelhouders bij die procedure. Waar relevant voor de positie van aandeelhouders, betoog ik welke onderdelen uit de Engelse en Duitse preventieve herstructureringsprocedures inspiratie bieden voor het Nederlandse recht.
Hoofdstuk 7 bevat de samenvatting en conclusies.
De tekst is afgesloten op 15 februari 2020. In een aantal gevallen zijn wetgevingsontwikkelingen en later verschenen literatuur of jurisprudentie nog verwerkt.