Einde inhoudsopgave
Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes (SteR nr. 63) 2024/7.5.1
7.5.1 Omkopen of anderszins dwingen tot afgeven ondersteuningsverklaringen
mr. L.S.A. Trapman, datum 19-02-2024
- Datum
19-02-2024
- Auteur
mr. L.S.A. Trapman
- JCDI
JCDI:ADS947866:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Brüheim 2015, p. 23; Kamerstukken II 2000/01, 26763, nr. 3, p. 21.
Kamerstukken II 1998/99, 26200-VII, nr. 61, p. 18.
Zie art. Z 8 Kw; Kamerstukken II 2000/01, 27673, nr. 3, p. 22.
Het amendement werd met algemene stemmen aangenomen: Handelingen II 2000/01, nr. 24, p. 1727.
Kamerstukken II 2001/02, 27673, nr. 11. Ook merkten de leden op dat deze andere vormen van ongewenste beïnvloeding geen actieve medewerking van het slachtoffer met zich brachten. Handelingen van de bedreigde zelf hoefden, in tegenstelling tot bij daadwerkelijke omkoping, dan ook niet strafbaar gesteld te worden.
Het omkopen en anderszins dwingen tot het afgeven van een ondersteuningsverklaring is strafbaar gesteld in artikel Z 4 lid 2 Kw. Ook het zich laten omkopen is, ingevolge lid 3 van hetzelfde artikel, strafbaar. Op de achtergrond van de ondersteuningsverklaringen – zij moeten serieuze kandidaturen bevorderen – werd in paragraaf 6.4 al ingegaan. Hier is slechts van belang dat het vereiste van ondersteuningsverklaringen in 1989 werd ingevoerd ter vervanging van het tot dan toe geldende handtekeningenvereiste, dat in de praktijk fraudegevoelig was gebleken. Het feit dat de ondersteuningsverklaring ter secretarie van de gemeente ondertekend moest worden, waarbij de ondertekenaar bovendien zijn identiteit kenbaar maakt, moest voorkomen dat kandidaturen werden ondersteund door vervalste of onder valse voorwendselen gezette handtekeningen.
De invoering van de ondersteuningsverklaring bleek onvoldoende om wanpraktijken te voorkomen, zo bleek toen in 1998 enkele incidenten aan het licht kwamen. Leden van de Centrumdemocraten te Nijmegen werden ervan beschuldigd daklozen te betalen voor het tekenen van ondersteuningsverklaringen. Ook in Leiden zouden ondertekenaars een geldbedrag van de partij hebben ontvangen.1 Naar aanleiding van deze praktijken klonk in de Tweede Kamer de roep om het ronselen van ondersteuningsverklaringen strafbaar te stellen. Problematisch was volgens de minister echter de handhaafbaarheid van een dergelijke bepaling, omdat daarvoor onderzoek nodig was naar de intentie waarmee een kiezer zijn ondersteuningsverklaring heeft ondertekend. Om deze reden wilde de minister van strafbaarstelling afzien.2 Na enig aandringen van een meerderheid in de Tweede Kamer ging de minister echter overstag. Op advies van de Kiesraad, in combinatie met de zojuist beschreven problematische handhaving van de bepaling, bleef de reikwijdte van de bepaling aanvankelijk wel beperkt tot omkoping. Het verbieden van ronselen, zoals dat bij de volmachtstem was gebeurd, lag hier volgens de Kiesraad niet in de rede, omdat het verzamelen van ondersteuningsverklaringen praktisch onmogelijk is zonder dat een partij kiezers ‘aanspreekt of anderszins persoonlijk benadert’. Omdat het, in tegenstelling tot bij het afgeven van een volmacht, bij ondersteuningsverklaringen niet om overdracht van stembevoegdheid gaat, was daar naar het oordeel van de Kiesraad weinig op tegen.3 Wel werd vervolgens een amendement aangenomen dat de tekst van de bepaling in die zin wijzigde, dat ook degene die een kiezer ‘anderszins (…) dwingt’ tot het ondertekenen van een ondersteuningsverklaring, strafbaar is.4 In de toelichting bij het amendement stelden de indieners dat de enkele strafbaarstelling van omkoping te beperkt was, omdat ‘daar mogelijke andere vormen van oneigenlijke en ongewenste beïnvloeding (…), zoals intimidatie, bedreiging, chantage of geweld niet onder kunnen worden begrepen’.5
De strafbepaling beoogt aldus ongeoorloofde beïnvloeding van kiezers in de fase van kandidaatstelling te voorkomen. Het aanspreken van kiezers is toegestaan, maar het uitoefenen van dwang en het leveren (of slechts beloven) van een wederprestatie is uit den boze. Daarnaast moet strafbaarstelling uiteraard ook voorkomen dat de ondersteuningsverklaring als drempel om serieuze kandidaturen te bevorderen, een lege huls wordt. Wanneer partijen handtekeningen kopen of kiezers anderszins dwingen tot het ondertekenen van een verklaring, hoeven zij zich immers niet van daadwerkelijke steun te verzekeren.