Afgebroken onderhandelingen en gebruik voorbehouden
Einde inhoudsopgave
Afgebroken onderhandelingen en gebruik voorbehouden (R&P nr. 173) 2009/6.4:6.4 Onderverdeling van voorbehouden in categorieën
Afgebroken onderhandelingen en gebruik voorbehouden (R&P nr. 173) 2009/6.4
6.4 Onderverdeling van voorbehouden in categorieën
Documentgegevens:
mr. M.R. Ruygvoorn, datum 09-06-2009
- Datum
09-06-2009
- Auteur
mr. M.R. Ruygvoorn
- JCDI
JCDI:ADS303040:1
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
Verbintenissenrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. Vznr. Rb. Amsterdam 4 augustus 2005, NJF 2005, 420 (Justvoice/Gouden Gids) voor een geval waarin geen precontractuele aansprakelijkheid werd aangenomen bij een 'subject to signature' voorbehoud.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals uit het praktijkonderzoek ook naar voren komt, is een veelheid van verschillende voorbehouden denkbaar. Dit maakt tal van onderverdelingen mogelijk. In het kader van dit boek hanteer ik de navolgende, m.i. sluitende onderverdeling, waarbij ik voorbehouden verdeel in de volgende drie categorieën:
Voorbehouden waarbij het intreden van de voorwaarde uiteindelijk afhankelijk is van de wil van (één van) de onderhandelende partijen;
Voorbehouden waarbij het intreden van de voorwaarde uiteindelijk afhankelijk is van de wil van een derde; en
Voorbehouden waarbij het intreden van de voorwaarde onafhankelijk is van een van de wil van (één van) de onderhandelende partijen of een derde onafhankelijke gebeurtenis.
Evidente voorbeelden van voorbehouden die in de eerste categorie vallen (het intreden van de voorwaarde is afhankelijk van de wil van (één van) de onderhandelende partijen) is het voorbehoud dat een overeenkomst tussen partijen eerst tot stand komt indien partijen het over alle punten waaromtrent zij beogen overeenstemming te bereiken, eens zijn geworden ("subject to reaching full and final agreement") en de situatie dat partijen afspreken dat een overeenkomst tussen hen pas zal bestaan nadat deze schriftelijk is vastgelegd en door beide partijen is ondertekend ("subject to contract" en "subject to signature"1).
Een voorbeeld van de tweede categorie voorbehouden (het intreden van de voorwaarde is afhankelijk van de wil van een derde) wordt voornamelijk gevormd door de categorie goedkeuringsvoorbehouden. Bijv.: er wordt onderhandeld onder het voorbehoud van goedkeuring door de raad van commissarissen. Daarnaast kan gedacht worden aan de situatie dat wordt onderhandeld onder het voorbehoud dat een derde (bijv.: de gemeente) een vergunning afgeeft of dat een derde een bepaalde overeenkomst afsluit.
Voorbeelden van de derde categorie voorbehouden (het intreden van de voorwaarde is onafhankelijk van de wil van de onderhandelingspartners of van een derde) zijn het intreden van een bepaalde klimatologische omstandigheid, het op natuurlijke wijze overlijden van een persoon, het bereiken van een bepaalde beurskoers of de voorwaarde dat een bepaald percentage van het geplaatste aandelenkapitaal van een beursgenoteerde onderneming per de sluitingsdatum van de biedingsperiode moet zijn aangeboden.
De nadruk zal in dit hoofdstuk met name liggen op de eerste twee categorieën voorbehouden en, binnen de tweede categorie, met name op de goedkeuringsvoorbehouden. Daarbij komen onder meer vragen aan de orde als: zijn partijen volledig vrij in hun wilsvorming, casu quo is de derde dit indien hij het in zijn macht heeft om al dan niet goedkeuring te onthouden? En in hoeverre heeft een partij ten behoeve van wie een voorbehoud is gemaakt, de plicht om zich in te spannen teneinde te bewerkstelligen dat de voorwaarde vervuld raakt? Deze en een aantal aanverwante vragen zullen in de sleutel worden geplaatst van onder meer de navolgende leerstukken: uitleg, de wilsvertrouwenstheorie, volmachtverlening, afstand van recht, rechtsverwerking, misbruik van recht, onrechtmatige daad, redelijkheid en billijkheid en het bepaalde in art. 6:23 BW met betrekking tot voorwaardelijke verbintenissen. Daarbij zal telkens gekeken worden naar zowel de positie van de onderhandelingspartner ten behoeve van wie een voorbehoud is gemaakt als, wanneer het om de tweede categorie voorbehouden gaat, naar de positie van degene die casu quo het orgaan dat het in de zijn macht heeft om toestemming al dan niet te verlenen.
Samenvattend geeft dit het volgende beeld:
Categorie
Aard voorbehoud
I
Intreden voorwaarde afhankelijk van wil van (één van) partijen
II
Intreden voorwaarde afhankelijk wil van een derde
III
Intreden voorwaarde afhankelijk van een van de wil van (één van) partijen en van de wil van derden onafhankelijke gebeurtenis
In par. 5 zal deze onderverdeling in categorieën voorbehouden worden aangevuld met de mogelijke juridische duidingen van diverse vormen van diverse vormen van voorbehouden en zal per categorie worden vastgesteld welke juridische duidingen mogelijk zijn. Op deze wijze kan, door eerst vast te stellen in welke categorie een bepaald voorbehoud (bijv.: het voorbehoud dat een overeenkomst pas tot stand komt indien deze op schrift staat) valt, vervolgens worden nagegaan hoe dat betreffende voorbehoud juridisch zou kunnen worden benoemd (bijv.: als vormvereiste of als voorovereenkomst). Soms zijn er daarbij twee mogelijkheden, soms zijn er meer mogelijkheden. Voor de gevallen waarin een voorbehoud dat in een bepaalde categorie valt, op verschillende wijzen, althans in theorie, geduid kan worden, geef ik in par. 5 enkele suggesties om tot een keuze te kunnen komen. Afhankelijk van de gemaakte keuze kunnen dan de met die keuze samenhangende civielrechtelijk en processuele rechtsgevolgen worden bepaald. Ook deze worden, per mogelijke kwalificatie, beschreven.