De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen
Einde inhoudsopgave
De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen (SteR nr. 58) 2023/6.5:6.5 Conclusie controle- en kwaliteitsborgingsmechanismen
De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen (SteR nr. 58) 2023/6.5
6.5 Conclusie controle- en kwaliteitsborgingsmechanismen
Documentgegevens:
S. Schuite, datum 10-04-2023
- Datum
10-04-2023
- Auteur
S. Schuite
- JCDI
JCDI:ADS701998:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Van Ettekoven, O&A 2016/53, p. 92.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Er zijn in dit hoofdstuk twee mechanismen besproken die de kwaliteit en transparantie rondom de inzet van deskundigen inzichtelijk kunnen maken respectievelijk kunnen borgen. Enerzijds is dat het ‘disclosure statement’, anderzijds een op de rechtspraktijk gericht deskundigenregister. Het disclosure statement – dat met name in de Engelse praktijk tot wasdom is gekomen – wordt in Nederland op dit moment slechts in bepaalde rechtsgebieden ingezet. Het verdient aanbeveling dat disclosure statements een vast onderdeel gaan uitmaken van de deskundigenprocedure. Een disclosure statement is een goedkope, eenvoudige en snelle manier om inzicht te krijgen in de persoon van de deskundige. In een disclosure statement kunnen alle drie de kwaliteitsaspecten naar voren komen. Toch is de kracht van het disclosure statement met name gelegen in de controle op de zaakgerelateerde kwaliteitsaspecten onafhankelijkheid en onpartijdigheid. Bij een disclosure statement wordt een beroep gedaan op de prudentie van de deskundige; deze zal het statement naar waarheid moeten invullen.
De meer algemene aspecten van de persoon van de deskundige zoals kennis en ervaring, opleiding en het eventuele lidmaatschap van een beroepsvereniging kunnen via het deskundigenregister inzichtelijk worden gemaakt. Het deskundigenregister waarborgt daarbij dat de bij hem ingeschreven deskundigen aan de juiste toelatingseisen voldoen en blijven voldoen.
Tot slot nog dit. Controle- en kwaliteitsborgingsmechanismen zoals disclosure statements en deskundigenregisters zijn geen wondermiddelen. Zoals Van Ettekoven terecht signaleert maakt het enkele feit dat een deskundige bij het juiste register is ingeschreven en/of dat de ‘vinkjes’ in het disclosure statement op de juiste plaats staan, nog niet dat de kwaliteit van de deskundige boven iedere twijfel is verheven.1 Een kritische blik op de beoogde deskundige en een daaropvolgende discussie over diens kwaliteit valt alleen maar toe te juichen, zij het dat die discussie, dankzij mechanismen als disclosure statements en deskundigenregisters, op objectieve en controleerbare gronden kan geschieden.
Daarmee is het hoofdstuk naar de denkbare controle- en kwaliteitsborgingsmechanismen afgesloten. In het volgende hoofdstuk wordt bezien of en hoe het disclosure statement en het deskundigenregister wordt toegepast in de huidige onteigenings- en nadeelcompensatiepraktijk.