Verbod en evenredigheid in het intellectuele-eigendomsrecht
Einde inhoudsopgave
Verbod en evenredigheid in het intellectuele-eigendomsrecht (O&R nr. 150) 2024/6.2.1:6.2.1 De effectiviteit van een verbod
Verbod en evenredigheid in het intellectuele-eigendomsrecht (O&R nr. 150) 2024/6.2.1
6.2.1 De effectiviteit van een verbod
Documentgegevens:
mr. P. Teunissen, datum 01-02-2024
- Datum
01-02-2024
- Auteur
mr. P. Teunissen
- JCDI
JCDI:ADS955527:1
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het effectiviteitsbeginsel vereist dat een remedie de eiser in staat stelt om een aan het Unierecht ontleende aanspraak daadwerkelijk te handhaven.1 Er bestaat geen twijfel over dat het verbod aan deze voorwaarde voldoet, nu de remedie de rechthebbende in staat stelt het exclusieve recht daadwerkelijk en doeltreffend te handhaven.2 Over het algemeen is wel vereist dat het verbod onmiddellijk in werking treedt en dat er geen nadere voorwaarden worden gesteld aan de tenuitvoerlegging. Verder dient een verbod een afschrikkend effect te hebben, wat inhoudt dat (verdere) schendingen in de toekomst worden verhinderd of tenminste bemoeilijkt. Dit veronderstelt dat aan de veroordeling in beginsel een dwangsom moet worden gekoppeld.3