De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/4.2.5.2:4.2.5.2 Het verkrijgen van stemrecht in de aandeelhoudersvergadering
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/4.2.5.2
4.2.5.2 Het verkrijgen van stemrecht in de aandeelhoudersvergadering
Documentgegevens:
F. Eikelboom, datum 01-06-2017
- Datum
01-06-2017
- Auteur
F. Eikelboom
- JCDI
JCDI:ADS363606:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Het gaat het bestek van dit onderzoek te buiten om daarvan een uitputtende overzicht te geven.
Art. 2:228 lid 5 BW.
Art. 2:88/197 lid 3 BW, respectievelijk 2:89/198 lid 3 BW.
Art. 2:88/197 lid 3 BW, respectievelijk 2:89/198 lid 3 BW.
Zie art. 2:342 BW.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het stemrecht in de aandeelhoudersvergadering is verbonden aan het aandeel en wordt derhalve in beginsel samen met dit aandeel verkregen. Er zijn diverse wijzen waarop men aandelen kan verkrijgen en verliezen.1
Ten eerste geldt als hoofdregel dat aandeelhouders zelf kunnen bepalen of zij hun aandeel overdragen of niet. Zij kunnen weliswaar zijn onderworpen aan een (statutaire en/of contractuele) uitkoopregeling, maar ook daarvoor geldt in beginsel dat zij zich daaraan op enig moment vrijwillig hebben onderworpen. De wet voorziet echter wel in enige onvrijwillige uitkoopregelingen. Kort gezegd, kunnen aandeelhouders die zich misdragen jegens de vennootschap op grond van de wet worden gedwongen om hun aandelen te verkopen.2 Tevens kunnen aandeelhouders, die 95% of meer van de aandelen in het kapitaal van de vennootschap hebben verworven, vorderen dat ook de overige aandelen aan hen worden overgedragen.3
Ten tweede geldt dat in het kader van een emissie de zittende aandeelhouders in beginsel, wederom behoudens enige uitzonderingen, de mogelijkheid krijgen om aandelen te nemen naar rato van hun aandelenbezit. Daardoor kunnen zij voorkomen dat hun participatie in het kapitaal (percentagegewijs) achteruit gaat. Aandeelhouders die niet de middelen hebben om aan een emissie mee te doen, zullen echter verwateren. Daarbij geldt voorts dat een emissie een besluit van een orgaan vereist, terwijl de deel-rechtsorde zo kan worden ingericht dat de zittende aandeelhouders een veto hebben ten aanzien van emissiebesluiten.
Ten derde kan ten aanzien van de overdracht van aandelen een blokkeringsregeling gelden die de zittende aandeelhouders in staat stelt om buitenstaanders buiten de deur te houden. Aandeelhouders die hun aandelen willen verkopen, kunnen bijvoorbeeld worden gedwongen om hun aandelen eerst aan hun medeaandeelhouders aan te bieden, of hebben de goedkeuring van een orgaan van de vennootschap nodig alvorens zij hun aandelen kunnen overdragen. Voor de BV was zo’n blokkeringsregeling tot 1 oktober 2012 dwingendrechtelijk voorgeschreven, maar sindsdien is een dergelijke regeling optioneel in de zin dat de statuten kunnen bepalen dat er geen blokkeringsregeling geldt.4 Ten aanzien van de NV gold daarvoor al dat de statuten in een dergelijke regeling kunnen voorzien.5
Ten vierde kunnen de statuten van een BV zo worden ingericht dat er ook klassen aandelen zijn waaraan geen stemrecht is verbonden. Houders van aandelen met stemrecht dienen in te stemmen met een statutenwijziging waarin het stemrecht aan hun aandelen wordt ontnomen.6
Daarnaast kan stemrecht ook los van het aandelen worden verkregen door vruchtgebruikers en pandhouders.7
Een dergelijke overgang van stemrecht vereist de instemming van desbetreffende aandeelhouder. Afhankelijk van de inrichting van de statuten kan tevens de goedkeuring van een orgaan van de vennootschap zijn vereist.8
Naar gelang de afspraken tussen de aandeelhouder en de vruchtgebruiker/ pandhouder kan het stemrecht overgaan bij vestiging van het beperkte recht of op een later tijdstip. Het komt geregeld voor dat het pandrecht voor een lening wordt gevestigd en dat wordt afgesproken dat het stemrecht overgaat op de pandhouder zodra de rente of aflossingen niet tijdig worden betaald of indien niet langer wordt voldaan aan een andere voorwaarde met betrekking tot de lening.
De aandeelhouder kan het stemrecht terugkrijgen van de vruchtgebruiker of pandhouder. Dat kan krachtens een afspraak tussen aandeelhouder en de vruchtgebruiker of pandhouder. Tevens kunnen een of meer aandeelhouders die (samen) een derde van de aandelen houden vorderen dat het stemrecht terug overgaat naar de aandeelhouder. Een dergelijke vordering kan dus ook door de medeaandeelhouders worden ingesteld. Voor de toewijzing van een dergelijke vordering is vereist dat de vruchtgebruiker of pandhouder door zijn gedragingen het belang van de vennootschap zodanig schaadt dat in redelijkheid niet kan worden geduld dat hij het stemrecht blijft uitoefenen.9
Om bovengenoemde redenen hebben aandeelhouders veelal de mogelijkheid om hun zeggenschap in de aandeelhoudersvergadering te behouden. Daarvoor is dan wel vereist dat de vennootschap geen aanvullend kapitaal nodig heeft, althans dat de aandeelhouder bereid en in staat is dat kapitaal ter beschikking te stellen. Dat is van belang voor de dynamiek binnen de rechtspersoon.