Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/8.2.4.2.5.2
8.2.4.2.5.2 Kosten die deels verband houden met belastbare handelingen bij verrichten of afnemen vastgoedtransactie
mr. dr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. dr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291279:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Anders: A.J. van Doesum en H.W.M. van Kesteren, ‘De onlosmakelijke samenhang tussen kosten en belastbare handelingen’, WFR 2012/6960, p. 887 en S.B. Cornielje, Fusies en overnames in de Europese BTW (diss.), Deventer: Wolters Kluwer 2016, p. 249. Zij menen dat een onbelastbare handeling voor de btw niet bestaat en dat er dientengevolge btw-technisch geen kosten aan kunnen worden toegerekend. Zij wijzen op HvJ EG 22 februari 2001, zaak C-408/98, V-N 2001/15.26, r.o. 34 (Abbey National I) en HvJ EG 8 februari 2007, zaak C-435/05, BNB 2007/308, m.nt. Van Zadelhoff, r.o. 28 (Investrand). De verwijzing naar het Abbey National I-arrest miskent naar mijn mening dat in deze zaak - als gevolg van de toepassing van (thans) art. 19 Btw-richtlijn - geen sprake was van een (uitgaande) handeling en bijgevolg dus ook niet van een onbelastbare handeling (zie paragraaf 8.2.4.2.4). Bovendien staat in r.o. 34 van het Abbey National I-arrest en in r.o. 28 van het Investrand-arrest naar mijn mening niet dat toerekening aan een onbelastbare handeling niet mogelijk is, maar slechts dat in deze zaken geen sprake was van kosten die rechtstreeks en onmiddellijk samenhangen met één of meer belaste handelingen (‘handelingen waarvoor recht op aftrek bestaat’) in een later stadium. Naar mijn mening blijkt uit onder meer het Securenta-arrest dat toerekening van kosten aan onbelastbare handelingen wel mogelijk is en deze mogelijkheid volgt ook uit de richtlijnhistorie (zie paragrafen 8.2.2.1.2 en 8.2.2.2.1).
Deze term ontleen ik aan: S.B. Cornielje, Fusies en overnames in de Europese BTW (diss.), Deventer: Wolters Kluwer 2016, p. 256.
HvJ EU 25 juli 2018, zaak C-140/17, BNB 2019/32, m.nt. Swinkels (Gmina Ryjewo).
HvJ EU 10 september 2014, zaak C-92/13, BNB 2015/21, m.nt. Bijl (Gemeente ’s Hertogenbosch).
HvJ EU 6 september 2012, zaak C-496/11, V-N 2012/51.25 (Portugal Telecom) en HvJ EG 16 juli 2015, gevoegde zaken C-108/14 en C-109/14, BNB 2016/25, m.nt. Swinkels (Larentia+Minerva/Marenave).
HvJ EG 12 februari 2009, zaak C-515/07, BNB 2009/202, m.nt. Van Zadelhoff, r.o. 28 (VNLTO). Zie ook: HR 26 januari 2000, nr. 35.199, BNB 2000/129.
HvJ EG 13 maart 2008, zaak C-437/06, V-N 2008/14.20 (Securenta).
Hof ’s-Hertogenbosch 28 januari 2011, nr. 09/00451, V-N 2011/27.17.
HR 11 mei 2012, nr. 11/02840, BNB 2012/287, m.nt. Van Kesteren.
De stap in het Securenta-arrest komt slechts om de hoek kijken indien een belastingplichtige ook één of meer activiteiten verricht waarvoor hij geen belastingplichtige is (lees: niet-economische activiteiten) en de belastingplichtige het verworven goed of de verworven dienst zowel voor belastbare als onbelastbare handelingen heeft verworven. Doet die situatie zich niet voor, dan kan deze stap worden overgeslagen. Voor goederen of diensten die een belastingplichtige leverancier of exploitant afneemt met het oog op het verrichten van een vastgoedtransactie, zoals de diensten van een makelaar, adviseur en notaris, acht ik het belang van deze stap gering. Is de vastgoedtransactie onbelastbaar, dan ontstaat voor deze kosten normaliter geen recht op btw-aftrek, omdat de goederen of diensten niet in de hoedanigheid van belastingplichtige zijn afgenomen (zie paragraaf 8.2.4.1.3)1, terwijl bij een belastbare vastgoedtransactie normaliter sprake is van directe kosten. De ‘Securenta-knip’2 zou voor deze goederen en diensten wel van belang kunnen zijn indien de vastgoedtransactie door een als zodanig handelende belastingplichtige op grond van art. 19 Btw-richtlijn niet als een levering wordt beschouwd. Voor de vraag of en, zo ja, wanneer een vastgoedtransacties als zodanig kwalificeert verwijs ik naar paragraaf 4.7.
Voor de afnemer van een belaste vastgoedtransactie is de Securenta-knip van belang indien hij het aan hem geleverde vastgoed of de aan hem verrichte terbeschikkingstelling van vastgoed heeft verworven ten behoeve van zijn belast(bar)e én onbelastbare handelingen. Is die situatie aan de orde, dan wordt aangenomen dat de kosten van de vastgoedtransactie zelf alsmede de kosten in verband met het sluiten van deze transactie rechtstreeks en onmiddellijk samenhangen met de gehele bedrijfsactiviteit voor zover de belastingplichtige het belast geleverde of belaste ter beschikking gestelde vastgoed heeft verworven ten behoeve van zijn belastbare (lees: belaste en/of vrijgestelde) handelingen. Deze knip speelt bijvoorbeeld bij een gemeente die een nieuw dorpshuis of een nieuwe sportaccommodatie aanschaft ten behoeve van het om niet én het belast ter beschikking stellen aan derden3 of een gemeente die een nieuw stadskantoor aanschaft ten behoeve van zowel onbelastbare overheidshandelingen als belaste en vrijgestelde handelingen als belastingplichtige4. Daarnaast is de Securenta-knip ook van belang voor privaatrechtelijke lichamen die een belaste vastgoedtransactie afnemen ten behoeve van zowel hun belastbare als onbelastbare handelingen. Enkele aan de jurisprudentie ontleende voorbeelden van dergelijke gemengde privaatrechtelijke lichamen zijn: een houdstervennootschap die zich tegen vergoeding moeit in het beheer van een deel van haar dochtervennootschappen5, een vereniging die naast de algemene belangenbehartiging van haar leden belaste (en vrijgestelde) handelingen verricht6, een belegger die zich bezighoud met de aan- en verkoop en het beheer van (verhuurd) vastgoed, effecten, deelnemingen en andere beleggingen7, een coffeeshop die naast de verkoop van softdrugs ook goederen levert die belast zijn8 en een instelling die naast gesubsidieerd onderzoek op eigen initiatief ook belast contractonderzoek verricht9.