Relativiteit, causaliteit en toerekening van schade
Einde inhoudsopgave
Relativiteit, causaliteit en toerekening van schade (R&P nr. CA21) 2019/3.6:3.6 De in dit boek gekozen benadering
Relativiteit, causaliteit en toerekening van schade (R&P nr. CA21) 2019/3.6
3.6 De in dit boek gekozen benadering
Documentgegevens:
D.A. van der Kooij, datum 01-08-2019
- Datum
01-08-2019
- Auteur
D.A. van der Kooij
- JCDI
JCDI:ADS588627:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
181. Als het dan, zoals in het voorgaande betoogd, ongelukkig is om in de doctrine de wet te volgen in het maken van onderscheid tussen het relativiteitsvereiste en het toerekeningsvereiste, dan dient gekozen te worden voor een andere benadering. Naar ik meen, is vooral van belang om de materie voor de verschillende schadevergoedingsgrondslagen vanuit één perspectief te bezien en de verschillende leerstukdoorkruisende problemen vanuit één perspectief te kunnen ordenen. In dit boek heb ik in essentie de terminologie van het relativiteitsvereiste en het toerekeningsvereiste vermeden en in plaats daarvan de focus gelegd op het onderscheiden van de verschillende binnen deze vereisten bestaande deelproblemen van begrenzing van aansprakelijkheid. In de verschillende hoofdstukken benoem ik steeds hoe het te behandelen deelprobleem zich tot de beide vereisten verhouden. Om tot een uniform systeem voor contractuele en buitencontractuele aansprakelijkheid te komen, heb ik deze benadering ook de contractuele relativiteit laten omvatten.
182. In hoofdlijnen onderscheid ik de volgende problemen. In deel II en hoofdstuk 5 bespreek ik de voorvraag of voor de gelaedeerde – wat er ook zij van de met de geschonden norm beoogde bescherming – de nakomings- en schadevergoedingsremedie aan de geschonden norm zijn gekoppeld. In deel III behandel ik het probleem dat centraal staat in zowel het relativiteitsvereiste als het toerekeningsvereiste: het benodigde normatieve verband tussen de aansprakelijkheidscheppende gebeurtenis en de schade. Als dit normatieve verband aanwezig is, dan is in beginsel zowel aan het relativiteitsvereiste, voor zover dat geldt, als aan het toerekeningsvereiste voldaan. Ontbreekt dit verband, dan is niet aan het relativiteitsvereiste en/of het toerekeningsvereiste voldaan. In deel IV bespreek ik nadere grenzen aan aansprakelijkheid die doorgaans in het relativiteitsvereiste of in het toerekeningsvereiste worden ondergebracht in het geval van een doorkruising van een andere (verhaals)regeling en bij bijzondere omstandigheden aan de zijde van de gelaedeerde, zoals de in pari delicto verkerende gelaedeerde en schade in een niet-rechtmatig belang. Tot slot behandel ik in deel V een tweetal bijzondere redenen die tot een verruiming van aansprakelijkheid kunnen leiden: de verplaatsing van schade naar een derde en opzet of bewuste roekeloosheid aan de zijde van de laedens.