Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid: wenselijk?
Einde inhoudsopgave
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/7.8.1.0:7.8.1.0 Introductie
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/7.8.1.0
7.8.1.0 Introductie
Documentgegevens:
mr.drs. I.S. Wuisman, datum 13-01-2011
- Datum
13-01-2011
- Auteur
mr.drs. I.S. Wuisman
- JCDI
JCDI:ADS393144:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Kempen, M.L.M. van (2005), 'Kwalificatie van buitenlandse rechtsvormen', WFR 2005/ 6621, blz. 573-582.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De eerste vraag van de classificatiemethode of de OVBA zelf de juridisch eigendom zou kunnen hebben van de vermogensbestanddelen zou bevestigend kunnen worden beantwoord. Ten aanzien van het antwoord op de tweede vraag of alle vennoten beperkt aansprakelijk zouden zijn voor de schulden en de andere verplichtingen van het samenwerkingsverband, zou niet met zekerheid uitsluitsel gegeven kunnen worden. Dit komt doordat het classificatiebesluit geen duidelijk inzicht geeft welke vorm en reikwijdte van aansprakelijkheid van participanten onder het aansprakelijkheidscriterium valt. Omvat dit criterium alleen de aansprakelijkheid uit de wet of kan de contractuele aansprakelijkheid er ook onder worden geschaard? Daarnaast is ook niet duidelijk of de OVBA zou voldoen aan het aansprakelijkheidscriterium als er sprake zou zijn van een interne onbegrensde aansprakelijkheid. Het is niet helder voor welke schulden en verplichtingen van het samenwerkingsverband een participant beperkt aansprakelijk moet zijn.1 Dit laatste is met name van belang bij de OVBA. Indien de aansprakelijkheid voor eigen fouten en tekortkomingen in de nakoming niet aangemerkt wordt als beperkte aansprakelijkheid, of bijvoorbeeld dat een bepaling in de vennootschapsovereenkomst dat een of meer vennoten geen bescherming zouden genieten geen betekenis heeft, dan zou bij de OVBA de derde vraag ontkennend luiden.
Wellicht dat de lijst met gekwalificeerde samenwerkingsverbanden duidelijkheid kan geven over de reikwijdte van de aansprakelijkheid. In deze lijst wordt namelijk per land/staat voor bepaalde met name genoemde rechtsvormen aangegeven of deze rechtsvormen transparant dan wel niet-transparant zijn. Opvallend is dat de vraag of alle participanten van het samenwerkingsverband beperkt aansprakelijk zijn bij de LLP uit Minnesota en New York ontkennend wordt beantwoord, terwijl dezelfde vraag bij de Delaware LLP en de Engelse LLP bevestigend wordt beantwoord. De verschillen tussen de aansprakelijkheidsregels van deze entiteiten zou daarom aanvullend inzicht kunnen geven over de beoordeling van de aansprakelijkheid door de staatssecretaris. De classificatie van deze laatste twee entiteiten is ook om een andere reden interessant. Alhoewel voor beide entiteiten het antwoord op de vragen van het toetsingskader gelijkluidend zijn, is de uiteindelijke classificatie verschillend. De Delaware LLP wordt aangemerkt als niet-transparant, de Engelse LLP als transparant. Een specifieke toelichting bij deze classificaties is niet gegeven.