Einde inhoudsopgave
Voor risico van de ondernemer (O&R nr. 142) 2023/2.3.3
2.3.3 Het risicobeginsel als uitwerking van distributieve rechtvaardigheid
mr. T.E. de Wijkerslooth-van der Linden, datum 01-06-2023
- Datum
01-06-2023
- Auteur
mr. T.E. de Wijkerslooth-van der Linden
- JCDI
JCDI:ADS713149:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Schut, WPNR 1969/5045, p. 271.
Hommes, WPNR 1968, p. 293-295, 305-309, 317-321.
On 2020, p. 150.
Schut, WPNR 1969/5045, p. 272.
On 2020, p. 150.
Ook Slagter (1952, p. 55) is van mening dat het risicobeginsel geen beginsel in eigenlijke zin is, omdat het niet als zodanig is uitgedacht, maar slechts een ‘neerslag van de praktijk’ is. Volgens hem is de risicotheorie dan ook geen echte verklaring, maar meer een constatering van een verschijnsel in de praktijk. Zie in gelijke zin: Verheul, WPNR 1968, p. 392-394; Asser/Sieburgh 6-IV 2019/27.
Klaassen 1991, p. 10. Zie ook Scholten 1899, p. 103: “Aan den eenen kant zullen we niet kunnen ontkennen dat tusschen verschillende gevallen van schadevergoeding buiten schuld verwantschap bestaat, dat dezelfde omstandigheden, die in het eene geval tot een aansprakelijkheid leiden, zich ook bij een ander doen gevoelen, maar aan den anderen kant zal toch van één alles omvattende stelling geen sprake kunnen zijn. [Er] worden zoo uiteenloopende mogelijkheden besproken, dat het onwaarschijnlijk is dat deze eens tot één al omvattenden regel kunnen worden teruggebracht.”
Van Dunné 2004, p. 162-163.
Zie ook: Jansen (2003) 2021, p. 58.
Het risicobeginsel is moeilijk te definiëren, omdat het gaat om een negatief begrip.1 Het begrip wordt gedefinieerd door het af te zetten tegen het schuldbeginsel.2 Dit is te kort door de bocht.3 Het schuld- en risicobeginsel zijn twee “ongelijksoortige grootheden”.4 Het risicobeginsel geeft slechts aan dat het rechtvaardig is om in bepaalde gevallen aansprakelijkheid aan te nemen, ongeacht of schuld aanwezig is of niet.5 Voor een nadere rechtvaardiging moet worden teruggegrepen op andere beginselen.6 Het risicobeginsel is daarom eigenlijk een vergaarbak voor uiteenlopende rechtvaardigheidstheorieën en -beginselen.7 Ik bespreek deze verschillende theorieën en beginselen in paragraaf 2.4.3. Op grond van de risicogedachte moet ingeval van schade gezocht worden naar de persoon die het beste de schade kan dragen. Toedeling van de schade geschiedt dus niet op basis van de verwijtbaarheid van de handeling, maar op basis van andere overwegingen, zoals bijvoorbeeld de draagkracht of de risk spreading capacity van partijen.8 Vanwege deze focus op de rechtvaardige verdeling van risico’s, kan het risicobeginsel beschouwd worden als uitwerking van distributieve rechtvaardigheid.9