Einde inhoudsopgave
Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort (O&R nr. 115) 2019/6.3.1
6.3.1 Positie bewindvoerder
mr. drs. C.M. Harmsen , datum 01-07-2019
- Datum
01-07-2019
- Auteur
mr. drs. C.M. Harmsen
- JCDI
JCDI:ADS180193:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
N.J. Polak en M. Pannevis, Insolventierecht, Deventer: Kluwer 2017, veertiende druk, p. 415, R.D. Vriesendorp, Insolventierecht, in: Jac. Hijma e.a., Studiereeks Burgerlijk Recht, deel 8, Deventer: Kluwer 2013, nr. 66, B. Wessels, Surseance van betaling (Wessels Insolventierecht nr. VIII) 2014/8002-8003 en A.M.J. van Buchem- Spapens en Th.A. Touw, Faillissement, surseance van betaling en schuldsanering, Monografieën Privaatrecht, deel 2, Deventer: Kluwer 2013, negende druk, p.127.
A.L. Leuftink, Surséance van betaling, in: J.M. Polak e.a., Serie Recht en Praktijk, nr. 87, Deventer: Kluwer 1995, p. 8, R.D. Vriesendorp, Insolventierecht, in: Jac. Hijma e.a., Studiereeks Burgerlijk Recht, deel 8, Deventer: Kluwer 2013, nr. 52, A.M.J. van Buchem-Spapens en Th.A. Touw, Faillissement, surseance van betaling en schuldsanering, Monografieën Privaatrecht, deel 2, Deventer: Kluwer 2013, negende druk, p. 127.
De procedure van de surseance van betaling kan worden omschreven als een algemeen, tijdelijk uitstel van betaling van schulden aan concurrente crediteuren.1 De surseance van betaling geeft de schuldenaar een adempauze die kan worden benut voor een reorganisatie of herstructurering van de door de schuldenaar gedreven onderneming.2 De surseance van betaling is gericht op de continuïteit van de schuldenaar en instandhouding van de door de schuldenaar gedreven onderneming. Het is de wettelijke taak van de door de rechtbank bij het verlenen van (voorlopige) surseance van betaling benoemde bewindvoerder om samen met de schuldenaar het beheer over diens zaken te voeren.3 Bij een rechtspersoon blijft het bestuur dus samen met de bewindvoerder bevoegd om de rechtspersoon te besturen en het beheer te voeren en te beschikken over het vermogen van de schuldenaar. Voor de niet-rechtspersoon in surseance van betaling geldt hetzelfde; de sursiet is samen met de bewindvoerder bevoegd tot het beheer van en het beschikken over het vermogen van de sursiet.