Eigendomsgrondrecht en belastingen
Einde inhoudsopgave
Eigendomsgrondrecht en belastingen (FM nr. 161) 2020/11.6:11.6 Conclusie
Eigendomsgrondrecht en belastingen (FM nr. 161) 2020/11.6
11.6 Conclusie
Documentgegevens:
dr. T.C. Gerverdinck, datum 13-03-2020
- Datum
13-03-2020
- Auteur
dr. T.C. Gerverdinck
- JCDI
JCDI:ADS197270:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Mensenrechten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk is naar voren gekomen dat artikel 1 Eerste Protocol crediteurs een instrument in handen geeft om de staat te dwingen volledig en tijdig aan zijn verplichtingen te voldoen. Het recht van de crediteur moet dan wel als een possession in de zin van die bepaling kunnen worden aangemerkt. Daarvoor is op zijn minst vereist dat er een legitimate expectation bestaat dat er een vordering is op de staat. Rechten op een teruggaaf van belasting en het recht op verrekening van input-BTW kunnen ook onder deze categorie van eigendomsrechten vallen. In de belastingrechtspraak van het EHRM over vertragingsschade komt naar voren dat artikel 1 Eerste Protocol ook positieve verplichtingen kan meebrengen voor de staat. Als de staat onverklaarbaar lang draalt met terugbetaling van belasting, moet namelijk rente worden vergoed om te voorkomen dat de fair balance is geschonden. Naast een eventueel rentenadeel, moet de staat ook de andere nadelige gevolgen voor de belastingplichtige van de trage terugbetaling compenseren. Daarbij spelen niet alleen financiële aspecten een rol. Bij het bepalen van een schadevergoeding kan in bijzondere gevallen ook rekening worden gehouden met de spanning en frustratie die is ontstaan bij de crediteur door de onzekerheid over de terugbetaling door de staat.