Het EVRM en het materiële omgevingsrecht
Einde inhoudsopgave
Het EVRM en het materiële omgevingsrecht (SteR nr. 22) 2015/7.2.1:7.2.1 Inleiding
Het EVRM en het materiële omgevingsrecht (SteR nr. 22) 2015/7.2.1
7.2.1 Inleiding
Documentgegevens:
D.G.J. Sanderink, datum 01-03-2015
- Datum
01-03-2015
- Auteur
D.G.J. Sanderink
- JCDI
JCDI:ADS448749:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Omgevingsrecht / Bijzondere onderwerpen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het belang dat artikel 2evrm beschermt is het leven. Daardoor beschermt het blijkens de rechtspraak niet alleen tegen overlijden, maar ook tegen levensbedreigende ziekte en verwonding.1 Dat betekent dat concrete handelingen ter handhaving van omgevingsgerelateerde regelgeving doorgaans alleen zinvol zijn ter voorkoming van toekomstige aantastingen.2 Met concrete handelingen ter handhaving van omgevingsgerelateerde regelgeving kan een bestaande aantasting van het leven (dat wil zeggen: een ingetreden overlijden of een bestaande levensbedreigende ziekte of verwonding) immers in de regel niet beëindigd worden.3 Het beëindigen van een ingetreden overlijden is per definitie onmogelijk, terwijl een levensbedreigende ziekte of verwonding niet zozeer handhaving van regelgeving vergt maar medische interventie. Daarom zal ik mij bij de bespreking van de vraag of op grond van artikel 2 evrm een positieve verplichting tot handhaving bestaat beperken tot handhavend optreden ter voorkoming van toekomstige aantastingen van het leven.