Einde inhoudsopgave
De overeenkomst van Internet Service Providers met consumenten (R&P nr. 149) 2007/5.3.3.1
5.3.3.1 Uitsluiting/beperking ontbindingsrecht: art. 6:236 sub b BW
mr. L.A.R. Siemerink, datum 13-03-2007
- Datum
13-03-2007
- Auteur
mr. L.A.R. Siemerink
- JCDI
JCDI:ADS384415:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Vergelijk art. 6:265 lid 1 BW slot.
Vergelijking art. 6:266 lid 1 BW.
Vergelijking art. 6:270 BW.
Zie Hof 's-Gravenhage 22 maart 2005, Rechtspraak.nl, I.J1\1: AT1762, (HCC/Dell), r.o. 71 en 77. Het Hof bepaalt dat art. 11 van de algemene voorwaarden van Dell onredelijk bezwarend is voor consumenten omdat daar is opgenomen dat de koper de overeenkomst pas na dertig dagen kan ontbinden, wat in strijd met art. 6:236 sub b BW een beperking van het ontbindingsrecht oplevert. Zie ook Phoelich 2004, p. 13, waar hij stelt dat de zwarte lijst van toepassing is op de voorwaarden van HCCnet.
Art. 6:236 sub b BW keert zich tegen het uitsluiten of beperken van de krachtens afdeling 6.5.5 aan de wederpartij toekomende ontbindingsbevoegdheid wegens een tekortkoming in de nakoming. Het recht op ontbinding is een fundamenteel recht, zodat het uitsluiten of beperken in algemene voorwaarden van het recht op ontbinding het contractuele evenwicht in de kern aantast. Het leidt er immers toe dat terwijl de ISP niet of niet behoorlijk presteert, de klant zich niet van zijn corresponderende verbintenis, eventueel ten dele, kan bevrijden. Indien de aard en de ernst van de tekortkoming dit rechtvaardigt, moet de consument de overeenkomst kunnen beëindigen.
Voorbeelden van krachtens art. 6:236 sub b BW verboden bedingen zijn bedingen die een tekortkoming die ontbinding rechtvaardigt, niet tot ontbinding laat leiden door te bepalen dat op grond van haar bijzondere aard of geringe betekenis geen ontbinding gerechtvaardigd is.1 Of bedingen die de klant de bevoegdheid ontnemen om met een buitengerechtelijke verklaring een overeenkomst te ontbinden.2 Bedingen die de klant het recht ontnemen op gedeeltelijke ontbinding.3 Of bedingen die in afwijking van art. 6:271 BW bepalen dat de klant geen recht op restitutie heeft van het á door hem gepresteerde. De niet in afdeling 6.5.5 geregelde ontbindingsgronden vallen niet onder art. 6:236 sub b BW. Art. 6:236 sub b BW heeft dus niet betrekking op de ontbindingsgronden van art. 6:258 en 259 BW. In algemene voorwaarden komen regelmatig bedingen voor die het ontbindingsrecht van de wederpartij uitsluiten of beperken.4