Einde inhoudsopgave
Waarderingsvragen in het ondernemings- en insolventierecht (O&R nr. 107) 2019/8.2
8.2 Inleiding
mr. drs. S.W. van den Berg, datum 01-11-2018
- Datum
01-11-2018
- Auteur
mr. drs. S.W. van den Berg
- JCDI
JCDI:ADS615726:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Stb. 2012, 241. De wet trad in werking op 13 juni 2012 met terugwerkende kracht tot 20 januari 2012. Het wetsvoorstel werd parlementair behandeld als de ‘Wet bijzondere maatregelen financiële ondernemingen’, o.m. Kamerstukken II 2011/12, 33 059, nr. 3 (MvT).
W.G.M. Holterman, De waardering van niet genoteerde aandelen (diss. 1993), p. 67 e.v.
F. Krens, ‘Waardebepaling van ondernemingen bij fusies of overnames’ in: G.M.F. Snijders e.a., Overnemen, een hele onderneming, Deventer: Kluwer 1998, p. 219; S.P. Pratt, Valuing a business, the analysis and appraisal of closely held companies, New York: McGraw-Hill 2008, p. 41.
P.M. van der Zanden e.a., Waardering van ondernemingen, Zutphen: Uitgeverij Paris 2017, derde druk, p. 34.
De waardering van (aandelen en) ondernemingen speelt niet alleen een rol bij de blokkeringsregeling (zie hoofdstuk 4), maar ook bij andere ondernemingsrechtelijke procedures zoals de geschillenregeling en de uitkoopprocedure.1 Om tot een waardering te komen, worden vaak waarderingsopdrachten verstrekt aan waarderingsdeskundigen. In de wet, rechtspraak, literatuur en waarderingsrapporten worden uiteenlopende definities voor waarde gehanteerd. Dit draagt niet bij aan een transparant theoretisch kader en kan leiden tot miscommunicatie. Ook het feit dat een waardering in grote mate een schattingsvraagstuk is,2 leidt ertoe dat waardering vaak een arbitrair onderwerp is. Waarderingsliteratuur laat zien dat verschillende situaties leiden tot andere benaderingen van de waardering. Zonder te duiden in welke waarderingscontext de waardering plaatsvindt, is de uitkomst weinig zinvol.3 Daarbij komt dat het uiteenzetten van de randvoorwaarden waarbinnen de waardering plaatsvindt, het acceptatieniveau van betrokkenen verhoogt.4
In het navolgende ga ik eerst in op enkele termen die ik in waarderingsrapporten tegenkom (paragraaf 8.3). Vervolgens schets ik de binnen de geschillen- en blokkeringsregeling, de uitkoopprocedure en de Interventiewet gehanteerde waardemaatstaven (paragraaf 8.4). Teneinde te komen tot een transparanter waarderingsproces met minder arbitraire uitkomsten stel ik in paragraaf 8.5 een waarderingskader voor dat structuur kan bieden bij het in een juridische context formuleren van een waarderingsopdracht. Paragraaf 8.6 sluit af met een samenvatting en conclusie.