Einde inhoudsopgave
Impassezaken en verantwoordelijkheden binnen het enquêterecht (IVOR nr. 69) 2010/5.5.4
5.5.4 Motivering
mr. F. Veenstra, datum 28-10-2010
- Datum
28-10-2010
- Auteur
mr. F. Veenstra
- JCDI
JCDI:ADS466784:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
HR 4 juni 1997,NJ 1997, 671, r.o. 4.1.2 en 4.1.3 (Text Lite Holding, m.nt. Maeijer).
Vergelijk: OK 26 juni 1986, rekestnr. 53/85 OK (Van den Berg); OK 2 juni 1988, rekestnrs. 7/88, 10/88 en 12/88 OK (Robert R. Jurgens Assurantiën Nijmegen); OK 8 oktober 1992, rekestnr. 23/92 OK (Mediselect); OK 3 november 2008,ARO 2008, r.o. 3.14 e.v. (ICTrack).
Onder andere: OK 30 december 2002,ARO 2003, 18, r.o. 3.7 (Aesculaap Beheer); OK 28 januari 2005,ARO 2005, 18 (Projectontwikkeling Friesland). Beide zaken zijn aangehaald in tekstnummer 142 (zie ook noot 65).
OK 29 mei 1986,NJ 1988, 98 (De Stefano Delft); OK 30 juni 1988, rekestnrs. 30/86 en 31/86 OK (Vervoercentrum Leiden-Transport C. Hogenes).
OK 16 juli 1987,NJ 1988, 579 (Schoonmaakbedrijf Briljant, m.nt. Maeijer).
OK 28 augustus 2008,ARO 2008, 138 (Heem Estate).
OK 23 juni 1994,NJ 1995, 456 (ITP Holland Beleggingsmaatschappij). Een verklaring zou kunnen zijn dat een van de 50%-aandeelhouders een limited is (naar Liberiaans recht). Het is echter nu juist deze limited die om de benoeming van drie commissarissen heeft verzocht (bij gewijzigd verzoekschrift).
Vergelijk eveneens: OK 23 mei 2003,ARO 2003, 88 (Duo Staal); OK 13 december 2006, ARO 2007, 12 (Daidalos). Beide zaken zijn aangehaald in tekstnummer 147 (noot 103).
168. Het grootste gedeelte van de beschikkingen bevat een heldere motivering aangaande de te treffen voorzieningen. De Ondernemingskamer voldoet daarmee aan het bepaalde in art. 30 Rv1 en de beschikking van de Hoge Raad inzake Text Lite Holding, waarin is overwogen dat zij moet motiveren op welke gronden zij het verzoek toewijst.2 De rode draad is dat het belang van de vennootschap (met name haar belang bij continuïteit) vergt dat de desbetreffende voorzieningen worden getroffen, waarbij in voorkomende gevallen rekening wordt gehouden met de belangen van de aandeelhouders die als bestuurder worden geschorst of ontslagen respectievelijk de minderheidsaandeelhouders.3 De beschikkingen waarin de Ondernemingskamer andere voorzieningen treft dan waarom is verzocht, vertonen echter een wisselend beeld wat betreft de motivering. In enkele zaken wijkt zij af van hetgeen is verzocht omdat volstaan kan worden met minder ingrijpende voorzieningen.4 In een aantal gevallen waarin door beide 50%-aandeelhou-ders over en weer is verzocht de ander als bestuurder te schorsen of te ontslaan, gaat zij, teneinde de impasse in het bestuur te doorbreken en aldus de continuïteit van de vennootschap te waarborgen, over tot schorsing of ontslag van beide bestuurders omdat het wanbeleid aan beiden is te wijten althans onvoldoende grond bestaat uitsluitend een van hen te schorsen of te ontslaan.5 Maar waarom ontslaat de Ondernemingskamer in de beschikking inzake Schoonmaakbedrijf Briljant beide bestuurders (hoewel door zowel de procureur-generaal als een van beide aandeelhouders is verzocht om de benoeming van een commissaris)6, ontslaat zij in de beschikking inzakeHeem Estate beide bestuurders (hoewel haar is verzocht hen te schorsen)7 en benoemt zij in de beschikking inzake ITP Holland Beleggingsmaatschappij een non-executive-achtige bestuurder, hoewel is verzocht om de aanstelling van een drietal commissarissen8?9