De acting in concert-regeling inzake het verplicht bod op effecten
Einde inhoudsopgave
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/3.1:3.1 Inleiding
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/3.1
3.1 Inleiding
Documentgegevens:
J.H.L. Beckers, datum 01-01-2016
- Datum
01-01-2016
- Auteur
J.H.L. Beckers
- JCDI
JCDI:ADS366307:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
De mate van harmonisatie is ook van belang bij eventuele aansprakelijkheid van een lidstaat voor schending van Europees recht, bijvoorbeeld door overschrijding van de implementatietermijn. Ik laat deze kwestie buiten beschouwing aangezien in Nederland geen claims op deze grond (meer) te verwachten zijn (de implementatiewetgeving werd van kracht op 28 oktober 2007; de termijn daarvoor was al verstreken op 20 mei 2006). Zie eerder Beckers 2009-1, p. 20-23; Schutte-Veenstra 2008, p. 142 en Nieuwe Weme 2006, p. 4.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voor een goed begrip van het leerstuk acting in concert moet aandacht worden besteed aan de Europese achtergrond daarvan. Eerst zal de totstandkomingsgeschiedenis van de acting in concert-regeling uit de Overnamerichtlijn geanalyseerd worden (§ 3.2). Aansluitend bespreek ik hoe het Europese recht de uitleg van de Nederlandse acting in concert-regels beïnvloedt. Daartoe ga ik eerst in op het karakter van minimumharmonisatie van de Overnamerichtlijn (§ 3.3). Dit is nodig om vast te kunnen stellen in hoeverre afwijking van de richtlijn mogelijk is.1Bovendien is dit van belang voor de zogenaamde verplichting tot richtlijnconforme interpretatie. Het EU-recht beperkt immers niet alleen de vrijheid van de wetgever, maar ook die van de rechter (§ 3.4). Vervolgens komt aan de orde of private partijen zich jegens elkaar op de Overnamerichtlijn kunnen beroepen (“horizontale werking”; § 3.5). Ten slotte sta ik kort stil bij de jongste Europese ontwikkelingen op het gebied van acting in concert (§ 3.6).