Relativiteit, causaliteit en toerekening van schade
Einde inhoudsopgave
Relativiteit, causaliteit en toerekening van schade (R&P nr. CA21) 2019/9.3.4:9.3.4 De vergelijkingsmethode en de betekenis van de redelijkheid
Relativiteit, causaliteit en toerekening van schade (R&P nr. CA21) 2019/9.3.4
9.3.4 De vergelijkingsmethode en de betekenis van de redelijkheid
Documentgegevens:
D.A. van der Kooij, datum 01-08-2019
- Datum
01-08-2019
- Auteur
D.A. van der Kooij
- JCDI
JCDI:ADS585127:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie hierover, in het algemeen, nader § 8.6.
Dogmatisch kan dat bijvoorbeeld door de schade geheel toe te rekenen, maar vervolgens op grond van art. 6:101 BW een afslag op de schadevergoedingsplicht aan te nemen omdat de schade is veroorzaakt door omstandigheden die maakten dat de gelaedeerde steeds een bepaald risico liep dat zich heeft verwezenlijkt, en deze omstandigheden aan de gelaedeerde kunnen worden toegerekend.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
461. Meer dan bij de andere grenzen komt het bij het rechtmatig alternatief aan op een waardering van het concrete geval, waarbij soms subtiele onderscheidingen gemaakt dienen te worden. Om deze reden is het mijns inziens beter om het begrenzen van aansprakelijkheid aan de hand van het bestaan van een rechtmatig alternatief niet te beschouwen als species van het begrenzen van aansprakelijkheid aan de hand van het doel van de geschonden norm. Uit de aanwezigheid van een rechtmatig alternatief kan volgen dat met de geschonden norm kennelijk niet is beoogd te beschermen tegen de schade zoals geleden. Maar of dat het geval is en of aansprakelijkheid vanwege het bestaan van het rechtmatig alternatief begrensd dient te worden komt uiteindelijk, zoals in de in § 9.3.4 behandelde casus bleek, aan op de vraag of een redelijke begrenzing van aansprakelijkheid wordt verkregen.
462. De vraag of een redelijke begrenzing van aansprakelijkheid wordt verkregen, laat zich hier als volgt beantwoorden. Enerzijds dient de voorliggende situatie vergeleken te worden met schadesituaties waarvan duidelijk is dat met de geschonden norm beoogd is daartegen te beschermen. Anderzijds dient vergeleken te worden met schadesituaties waarin de schade op een rechtmatige wijze kan worden toegebracht.1 Door deze dubbele vergelijking te maken, en daarbij de persoon van de gelaedeerde, het soort schade en de wijze waarop de schade is ontstaan in ogenschouw te nemen, kan bepaald worden of het te beoordelen geval meer lijkt op gevallen waarin aanspraak op vergoeding bestaat, of op gevallen waarin de schade rechtmatig kan worden toegebracht en voor rekening van de gelaedeerde blijft. Op die manier kan in moeilijk liggende gevallen beredeneerd worden bepaald of het redelijker is om de schade toe te rekenen of om de schade niet toe te rekenen.
463. De werking van deze methode laat zich aan de hand van de volgende casus illustreren.
Franzetti raakte op een onbeveiligde overgang met zijn trekker in botsing met een trein. De onbeveiligde overgang werd gebruikt door bestemmingsverkeer op weg naar de nabijgelegen fabriek van de Suikerunie. In cassatie stond hypothetisch vast dat ten gevolge van de uitbreiding van de werkzaamheden van de fabriek het verkeer over deze weg was geïntensiveerd. Franzetti bepleitte in cassatie dat op de Suikerunie hierom de verplichting rustte om de overgang te beveiligen. De Suikerunie voerde in cassatie als verweer aan dat Franzetti geen belang had bij deze klacht. Franzetti was namelijk verdwaald en behoorde niet tot het geïntensiveerde bestemmingsverkeer. Hierom zou Franzetti evengoed de schade zonder onrechtmatige daad van de Suikerunie hebben kunnen lijden, namelijk ingeval de werkzaamheden van de fabriek niet zouden zijn uitgebreid en daardoor het verkeer niet zou zijn geïntensiveerd en de Suikerunie in ieder geval niet verplicht zou zijn geweest de overgang te beveiligen. De Hoge Raad vernietigde het oordeel van het hof dat de Suikerunie niet gehouden was om voor een beveiligde overgang zorg te dragen, en oordeelde daarmee impliciet dat het belangverweer van de Suikerunie faalde.2
In deze casus komt zowel het antwoord op de vraag of de geschonden norm ook Franzetti beoogt te beschermen als het antwoord op de vraag of Franzetti op niet-relevant andere wijze dezelfde schade rechtmatig had kunnen lijden, tamelijk subtiel te liggen. Enerzijds is merkwaardig dat de uitbreiding van de werkzaamheden van de Suikerunie precies de omstandigheid is die het verschil maakt tussen het door Franzetti wel of niet aanspraak hebben van schadevergoeding jegens de Suikerunie. Het bijzondere hieraan is namelijk dat de uitbreiding van de werkzaamheden niets te maken heeft met het ongeval en in het bijzonder de risico’s voor Franzetti niet heeft vergroot. Anderzijds heeft die uitbreiding wel gemaakt dat voor de Suikerunie een norm is gaan gelden. Die norm heeft in ieder geval tot doel om te beschermen tegen ongevallen op de spoorwegovergang. Het personele beschermingsbereik is minder duidelijk. Niet goed verdedigbaar lijkt om te zeggen dat met de norm slechts beoogd is personen behorend tot het bestemmingsverkeer te beschermen voor zover dat geïntensiveerd is. Tussen het bestemmingsverkeer dat er ook zonder de intensivering zou zijn geweest en het bestemmingsverkeer voor zover het geïntensiveerd is, bestaat niet een zodanig verschil dat zich laat rechtvaardigen om personen die tot de eerstgenoemde groep behoren niet te beschermen en personen die tot de laatstgenoemde groep behoren wel. Om dezelfde reden zou ook onredelijk zijn om ander verkeer (zoals een verdwaalde bestuurder) niet door de geschonden norm beschermd te achten. Met kennelijk de Hoge Raad meen ik dat de balans net in het voordeel van Franzetti dient door te slaan.
Door middel van deze vergelijkingsmethode kan tot een beredeneerde oplossing worden gekomen in de moeilijker liggende gevallen van het handelen in strijd met een vergunningsverplichting (nr. 438) en besluitenaansprakelijkheid (nr. 444).
Onder omstandigheden kan vóór het aannemen van aansprakelijkheid voor de veroorzaakte schade ongeveer evenveel te zeggen zijn als voor het afwijzen ervan. Niet lijkt mij uitgesloten dat dan slechts tot een redelijke uitkomst gekomen kan worden door de schade over laedens en gelaedeerde te verdelen.3
464. Waar ik in dit boek de grens van het rechtmatig alternatief ter sprake bracht, heb ik soms gezegd dat het voor deze grens van belang is of dezelfde schade op een niet-relevante andere wijze rechtmatig toegebracht kan worden. In het voorgaande zagen wij dat voor het antwoord op de vraag of dezelfde schade op een niet-relevant andere wijze rechtmatig kan worden gebracht uiteindelijk, en in ieder geval in de moeilijker gevallen, de vergelijkingsmethode en de redelijkheid van de bereikte uitkomst beslissend is. Dit laat onverlet dat, zoals naar ik meen uit het hiervoor besprokene blijkt, de omstandigheid dat dezelfde schade op een vergelijkbare wijze rechtmatig toegebracht kan worden, een wezenlijke rol speelt bij de begrenzing van aansprakelijkheid. Om die reden kan men kortheidshalve zeggen dat het er bij deze grens om gaat of dezelfde schade op niet-relevant andere wijze toegebracht had kunnen worden.