Het besluit van de rechtspersoon
Einde inhoudsopgave
Het besluit van de rechtspersoon (VDHI nr. 162) 2020/VIII.3.4:VIII.3.4 Informatie over en toegang tot de arbitrageprocedure
Het besluit van de rechtspersoon (VDHI nr. 162) 2020/VIII.3.4
VIII.3.4 Informatie over en toegang tot de arbitrageprocedure
Documentgegevens:
mr. K.A.M. van Vught, datum 20-11-2019
- Datum
20-11-2019
- Auteur
mr. K.A.M. van Vught
- JCDI
JCDI:ADS178739:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie Niemeyer & Häger 2014, p. 1739, met verwijzingen.
Niemeyer & Häger 2014, p. 1739.
§ 246 IV AktG, dat zulks regelt voor de vernietigingsprocedure in de AG, vindt geen analoge toepassing op de GmbH en geldt dus evenmin in arbitrage. Zie Rensen 2011, p. 569-570 en Filker 2013, p. 89.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Als tweede voorwaarde eist het Bundesgerichtshof dat elke aandeelhouder en elk orgaan van de GmbH wordt geïnformeerd zodra een arbitrageprocedure aanhangig wordt gemaakt. Bovendien moeten aandeelhouders en organen op de hoogte kunnen blijven van het verdere verloop van de procedure en moeten zij daarin kunnen interveniëren.1 De precieze uitwerking van de informatieplicht is onduidelijk. Volgens sommige modelarbitrageclausules en lagere rechtbanken moet de klager zijn concept-klaagschrift vooraf aan de andere aandeelhouders toezenden, zodat die hem desgewenst kunnen bijvallen.2 Niemeyer en Häger menen evenwel dat dit niet noodzakelijk is. Volgens hen volstaat een mededeling aan de aandeelhouders en de vennootschappelijke organen nadat een klaagschrift is ingediend. De mededeling bevat dan ten minste een beschrijving van het geschil, de partijen en het bevoegde scheidsgerecht. Voorts biedt zij informatie over het indienen van stukken en de plaats en datum van de mondelinge behandeling.3 Mededelingen in een ‘bedrijfsblad’ of een krant volstaan niet.4