Einde inhoudsopgave
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/5.5.1.2
5.5.1.2 Vaste straalverbinding
Dr. mr. B.A.M. Janssen, datum 08-12-2010
- Datum
08-12-2010
- Auteur
Dr. mr. B.A.M. Janssen
- JCDI
JCDI:ADS622186:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Zie hiervoor het rapport 'Planning van FM omroep' van Agentschap Telecom 2003. Op diverse intemetfora vindt overigens een discussie plaats over een andere toepassing van radiogolven en dat is het winnen van energie uit radiogolven. Radiogolven zouden omgezet kunnen worden in elektriciteit en met behulp van een ontvanger zouden apparaten als mobiele telefoons draadloos opgeladen kunnen worden. Zie verder: http://www.higherlevel.nlfforum/index.php?board=26;a.ction=printpage; threadid=15304.
Volgens de informatie op de website van Agentschap Telecom, onderdeel van het Ministerie van Economische Zaken.
Voor het overbruggen van 10 kilometer dient een zendantenne van circa 30 meter hoogte gebruikt te worden en bij het overbruggen van de maximale 45 kilometer een antenne van circa 80 meter.
Zie hoofdstuk 3 Tw.
Voor een uitgebreide toelichting op toewijzing van frequentieruimte voor straalverbindingen wordt verwezen naar het document `Bandplannen voor Straalverbindingen' van Agentschap Telecom (geraadpleegde versie: 1.7, februari 2008).
Zie hierover Loos 1998, p. 56 e.v.
Om een beeld van de juridische betekenis van een straalverbinding te krijgen is het eerst goed om even stil te staan bij wat een straalverbinding in technische zin is en welke (praktische) betekenis deze kan hebben. Onder een straalverbinding wordt verstaan een vaste verbinding tussen twee punten die gebruik maakt van radiogolven, zie als voorbeeld figuur 5.1. Radiogolven1 zijn een natuurkundig verschijnsel die
Fig. 5.1 — Een hele globale tekening van een net(werk) dat naast fysieke leidingen (aangegeven met een stippellijn) ook uit een straalverbinding bestaat waarover data wordt getransporteerd. De zender en ontvanger van de straalverbinding zijn bevestigd op vaste plekken (ook wel point-point straalverbinding genoemd)
bestaan uit een complex samenspel van elektrische en magnetische velden. Radiogolven verspreiden zich met de snelheid van het licht en hebben een frequentie en golflengte. De frequentie wordt aangeduid in het aantal trillingen per seconde oftewel in Hertz. Radiogolven zijn uitermate geschikt om informatie over te brengen over grote afstanden. Een vaste verbinding is altijd opgezet tussen twee vaste punten; een zend- en ontvangstantenne die bevestigd zijn aan een mast of op een gebouw.
Vaste straalverbindingen kunnen naast glasvezels, koperkabels en satellietverbindingen deel uitmaken van een telecommunicatie-infrastructuur. Deze verbinding kan gebruikt worden voor bijvoorbeeld het uitwisselen van data in de vorm van beeld, geluid, internet en multimedia, maar bijvoorbeeld ook voor telefonie. De maximale afstand tussen zender en ontvanger is — vanwege de kromming van de aarde — ongeveer 45 kilometer.2 Voorwaarde voor een goed functionerende verbinding is dat tussen zender en ontvanger geen obstakels voorkomen (zoals hoge gebouwen, bomen of heuvels), oftewel dat er een 'direct zicht verbinding' is.3
Het Ministerie van EZ stelt — in overeenstemming met internationale afspraken — beleid op ten behoeve van het gebruik van de frequentieruimte in de ether voor (mobiele) telefonie, radio- en televisie-uitzendingen, communicatie in lucht- en scheepvaart en hulpdiensten.4 Het gebruik van de meeste frequenties is geregeld via vergunningen. Om voor het gebruik van een straalverbinding frequentieruimte te krijgen is een vergunning nodig. De aanvraag daartoe moet worden gedaan bij Agentschap Telecom (AT) die verantwoordelijk is voor de uitvoering van het beleid (i.c. vergunningverlening) en toezicht houdt op het frequentiegebruik. Na ontvangst van een aanvraag zal onder andere worden beoordeeld of de aangevraagde verbinding storing geeft op overige verbindingen of storing ondervindt van andere verbindingen. Wanneer dit alles niet het geval is zal een vergunning worden verleend en een deel van de beschikbare frequentieruimte worden toegewezen voor de betreffende straalverbinding. Aan de verleende vergunning zullen de nodige voorwaarden worden gekoppeld zoals het nemen van maatregelen om storingen te voorkomen en voorwaarden over te gebruiken apparatuur.5
Uit het voorgaande kan worden afgeleid dat een (bruikbare) vaste straalverbinding in beginsel de volgende elementen bevat: i) een zend- en ontvangstantenne, ii) de straal of radiogolven zelf, en iii) de frequentieruimte 'waarin' de radiogolven tussen zend- en ontvangstantenne worden verstuurd en ontvangen. Om te kunnen beoordelen of een vaste straalverbinding enige goederenrechtelijke betekenis heeft voor of in het goederenrecht, is het noodzakelijk om met de hiervoor genoemde elementen rekening te houden. Overigens is verdedigbaar dat de radiogolven en de frequentieruimte vereenzelvigd worden. Dit gebeurt in het algemeen spraakgebruik ook bij onder meer aardgas waar de drager van de energie (het aardgas zelf) en de energie (die besloten ligt in aardgas) vereenzelvigd worden.6 Hierna zullen de radiogolven en de frequentieruimte steeds samen worden besproken, tenzij afzonderlijke bespreking noodzakelijk is.