Einde inhoudsopgave
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/1.1.1.1
1.1.1.1 Overdracht eigendom
Dr. mr. B.A.M. Janssen, datum 08-12-2010
- Datum
08-12-2010
- Auteur
Dr. mr. B.A.M. Janssen
- JCDI
JCDI:ADS618505:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Het verlenen van gebruiksrechten kan ook zijn nadelen hebben. De aanlegger/exploitant wordt door verwerving van de grondeigendom immers eigenaar van de eventueel aanwezige opstallen op die grond en dient dan als `verhuurbedrijf op te treden jegens de (voormalige) grondeigenaar, zie Samkalden en Van den Berg 1997, p. 40.
Bij de aanleg van de HSL-Zuid is deze constructie onder meer toegepast, zie COB, 2000, p.11. Overigens is het simpeler om bij levering het verlenen van het recht van opstal voor te behouden (alleen de 'bloot' eigendom wordt geleverd).
Van den Berg (p. 141) stelt dat bij het erfpachtrecht de erfpachter de onroerende zaak niet alleen zal gebruiken, maar ook houden. Hij (i.c. de voormalige grondeigenaar) oefent de feitelijke macht over de zaak uit met uitsluiting van alle anderen, waaronder ook de (nieuwe) eigenaar (i.c. de aanlegger). Tenzij in de vestigingsakte anders is bepaald, heeft een erfpachter hetzelfde genot van de zaak als een eigenaar. Dit betekent dat de aanlegger in de erfpachtsakte zal moeten laten opnemen dat hij gerechtigd is/blijft tot het uitsluitend gebruik van de tunnel. Doet hij dit niet, dan is hij als `bloot-eigenaar' niet tot dat gebruik gerechtigd.
Door overdracht van de 'volle' eigendom van de grond of gronden waarin een ondergronds bouwwerk wordt aangelegd, is de aanlegger c.q. de beheerder en/of toekomstige exploitant van het ondergrondse bouwwerk verzekerd van een 'succesvolle' aanleg en exploitatie van het bouwwerk. De aanlegger of exploitant heeft bij deze variant weliswaar maximale zekerheid; daar tegenover staat dat de rechten van de grondeigenaar volledig vervallen. Om de grondeigenaar tegemoet te komen (of: over de streep te trekken om toch tot eigendomsoverdracht over te gaan) kan de aanlegger of exploitant een gebruiksrecht verlenen (bijvoorbeeld huur of pacht) aan de (voormalige) grondeigenaar, zodat het gebruik van de grond door de (voormalige) grondeigenaar na aanleg van het ondergrondse bouwwerk kan worden voortgezet.1 Eveneens kan een zakelijk recht (bijvoorbeeld recht van opstal) worden gevestigd.2 Indien geen opstallen bovengronds aanwezig zijn, of wanneer de opstal van ondergeschikte betekenis is, ligt vestiging van een recht van erfpacht in de rede.3